FAQ

De meest gestelde vragen over het proces en de kaders vindt u hieronder. De vragen zijn onderverdeeld in verschillende thema's. Als uw vraag er niet tussen staat, kunt u contact opnemen met ons.

Wat is er bekend over de slagschaduw? En worden hierdoor huizen getroffen?

Windturbines geven bij zonnige dagen (bewegende) slagschaduw. Deze slagschaduw draait met de zon mee en reikt bij zonsopgang en -ondergang in de winter het verst. Er zijn in Nederland wettelijk bepaalde normen om de hinder door slagschaduw te beperken. In de Activiteitenregeling milieubeheer (Activiteitenbesluit) staat hoe vaak en hoe lang per dag de slagschaduw van een windturbine een woning mag raken. Via de vergunning zijn windturbines bijna altijd verplicht voorzien van een stilstand voorziening. Die schakelt de windturbine uit als de norm overschreden zou worden.

Recent heeft een uitspraak van de Raad van State de milieunormen voor windturbines tijdelijk buiten werking gesteld voor grotere windparken. Voor windparken bestaande uit 1 of 2 windturbines geldt dit niet; daarvoor zijn de landelijke milieunormen nog steeds geldig.

Wanneer begint zichtbaar het grote besparen? Bijvoorbeeld reduceren van openbare verlichting?

Er valt veel energie te besparen bij bedrijven, maar ook particulieren kunnen een steentje bij dragen. Als gemeente geven we het goede voorbeeld. In 2013 startte de gemeente al met een aanpak om de openbare verlichting te verduurzamen. Daarbij speelt niet alleen vervanging een rol maar ook duurzaamheid om minder energie te verbruik, maar ook minder lichtvervuiling en minder lichthinder.

Verder stimuleren, adviseren we bedrijven om energiemaatregelen te nemen. Daarvoor werken we samen met de Omgevingsdienst Twente. We controleren of maatregelen worden doorgevoerd en leggen verplichtingen op. Als dit nodig is.

Via de inzet van het energieloket stimuleren we inwoners om zoveel mogelijk energie te besparen door hun huis energiezuiniger te maken en zelf energie op te wekken door zonnepanelen op daken te leggen.

Hoe zijn de energie besparingsdoelen bepaald per gemeente?

In het programma Nieuwe Energie Hengelo dat in 2017 is vastgesteld door de raad van de gemeente Hengelo is de doelstelling opgenomen om 2% energie te besparen.

Welke minimale afstand wordt aangehouden tussen windturbines en woningen?

Er is in Nederland geen wettelijk bepaalde minimumafstand vastgelegd van windturbines tot woningen. In plaats daarvan zijn er milieunormen die de geluid- en slagschaduweffecten maximeren. Deze normen zijn niet bedoeld om alle hinder te voorkomen, maar zijn een belangenafweging tussen het beperken van hinder enerzijds en het mogelijk maken van opwek van duurzame energie anderzijds.

Deze normen hebben als gevolg dat windturbines niet heel dicht bij woningen geplaatst kunnen worden. Als vuistregelafstand wordt vaak gewerkt met 400-500 meter.

Waarom geen windmolens in de oksels van afrit 31 van de A1?

Uit het technisch onderzoek is gebleken dat deze locatie harde belemmeringen kent die plaatsing van windturbines onmogelijk maken. Het gaat met name om de bouwhoogtebeperking van Twente Airport en diverse woningen.

390 GWh nu en 390 GWh in 2050 is geen besparing

In het technisch onderzoek naar het verbruik van elektriciteit is uitgegaan van het verbruik van 390 GWh. Bij het opstellen van het omgevingsprogramma Nieuwe Energie is nog geen rekening gehouden met mogelijke energiebesparing, maar ook niet toename in het verbruik. De verwachting is dat er steeds meer gebouwen in de toekomst elektrisch verwarmd worden. En ook zullen er steeds meer elektrische auto’s bij komen. Dat heft het effect van energie besparen op. Daarom moet het omgevingsprogramma regelmatig geactualiseerd worden. Daarbij sluiten we aan bij de actualisaties van omgevingsvisie en in het nog op te stellen omgevingsplan.

Kunnen er cycloon turbines komen? (windmolens zonder wieken met energie opslag)

Dat zou een optie kunnen zijn. In het omgevingsprogramma Nieuwe Energie worden alleen de zoeklocaties opgenomen voor windturbines en de voorwaarden waar ontwikkelaars aan moeten voldoen. Als een locatie op termijn ontwikkeld wordt, dan bepaalt de ontwikkelende partij de keuze van windturbine. Aan een locatie worden wel eisen gesteld qua opwek.

Wordt inwoners de mogelijkheid geboden om financieel te participeren in de windturbines?

In de hoofdlijnen van het omgevingsprogramma is opgenomen dat energieprojecten met meer dan 50% lokaal eigenaarschap gerealiseerd moeten worden. Bij het ontwikkelen van een windturbine krijgen inwoners dus de kans om financieel te participeren. De gemeente Hengelo vindt het belangrijk dat niet alleen de lasten bij het gebied ligt, maar dat ze ook de lusten ervan krijgen.

Ook voor mensen met een kleine beurs willen we een regeling treffen om mee te profiteren.

Zijn de molens bij Deventer de referentie?

Nee de windturbines bij Deventer hebben een tiphoogte van 135 meter. In het omgevingsprogramma wordt uitgegaan van een tiphoogte van 210 tot 255 meter.

Zal de windturbine bij het gebied Woolde niet gaan storen op RTV Oost?

Er is onderzoek gedaan naar de effecten van FM-omroepsignalen in de buurt van windturbines. Uit een simulatie bleek dat een verstoring alleen hoorbaar is als het signaal dat door een windturbine gereflecteerd wordt bijna even sterk is als het rechtstreekse signaal. Onder normale omstandigheden doet deze situatie zich niet voor. Conclusie uit het onderzoek is daarom dat een merkbare verstoring van FM-omroepsignalen door windturbines niet plaatsvindt. Gemeente Hengelo doet mee aan een verdiepend onderzoek met de RES Twente, waar wij dit aspect ook aan der orde stellen.

Hoe is het getal 156 GWh/jr in 2030 tot stand gekomen?

Dit is gebaseerd op de doelstelling uit het programma Nieuwe Energie die uit gaat van 40% duurzame energieopwek in 2030. Zie onderstaande tabel.

 

De landschappelijke waarde van Overijssel is uniek en onvervangbaar. In hoeverre wordt deze waarde aangetast?

Bij het aanwijzen van de zoeklocaties is naast de wettelijke belemmeringen ook de handreiking ‘Energieopwekking’ in de landschappen van Overijssel’ gehanteerd.  

Is er onderzoek gedaan hoe lang de windturbines kunnen draaien zonder slagschaduw te geven bij aanliggende woningen?

Dit onderzoek is voor de zoeklocaties nog niet gedaan. Mocht een concreet windproject ontstaan dan zal altijd via akoestisch onderzoek, slagschaduwberekeningen en risicoberekeningen moeten worden aangetoond dat het windproject ook echt aan de Nederlandse wetgeving voldoet. Indien uit het onderzoek blijkt dat het windproject niet aan de Nederlandse wetgeving voldoet dan mag het niet worden gerealiseerd.

Op basis van ervaringen elders in Nederland weten we dat de afstand die windturbines minimaal moeten aanhouden om aan de geluidsnorm te kunnen voldoen, er ook voor zorgt dat de stilstand om norm overschrijdende slagschaduw te voorkomen niet leidt tot een onrendabel project.

Er zijn genoeg daken en andere harde oppervlakken beschikbaar in Nederland om tegen 2030 de CO2-uitstoot te verminderen met 49%. Waarom is er bij Nobian/Twence een zoeklocatie voor wind? Waarom worden de plannen niet beperkt tot de bestaande bouw- en industrieterreinen?

In Hengelo willen we grote daken, gevels, parkeerplaatsen en andere harde oppervlakken maximaal benutten. Uit het technisch onderzoek dat Bosch & van Rijn uitvoerde blijkt dat hiermee de doelstellingen niet volledig behaald kunnen worden. Kleinere daken dragen vooral bij aan energie besparen. Om invulling te geven aan de doelstellingen voor duurzame elektriciteitsopwek zijn ook zonnevelden en/of windturbines nodig. Voor de zoeklocaties voor windturbines is gekozen om aan te sluiten bij de infrastructuur van de snelwegen en voor bedrijventerreinen. Voor zonnevelden is ook gekozen voor de infrastructuur voor rijkswegen, bedrijventerreinen en de stadsranden langs industrie- en bedrijventerreinen. Het gebied tussen Nobian (vroeger AkzoNobel) en Twence sluit aan bij het industrieterrein Twentekanaal Zuid. In de omgevingsvisie Hengeloos Buiten is dit gebied al aangewezen voor grootschalige energieopwek via zon. Ook is er een zoeklocatie voor wind op het industrieterrein Twentekanaal Zuid. Deze geeft mogelijk wel verstoring voor de radar van Thales. Daarom is daarvoor verdiepend onderzoek nodig.

De slagschaduw van een windturbine heeft bewezen grote negatieve impact op de leef- en woonkwaliteit. Zijn er woonwijken die hier last van zullen krijgen?

In de Activiteitenregeling milieubeheer (Activiteitenbesluit) staat hoe vaak en hoe lang per dag de slagschaduw van een windturbine een woning mag raken (ca. 6 uur per jaar). Bij dreigende normoverschrijding moeten de windturbines worden stilgezet. Dit gebeurt automatisch.

Hoe groot wordt het niet-woonbare gebied rondom de windturbines en de in deze gebieden hiermee gepaard gaande waardedaling van de woningen?

Dit is nu nog niet te zeggen. Op dit moment zijn het nog zoeklocaties en zijn er nog verdiepend onderzoeken nodig. Mochten er in de toekomst twee van deze zoeklocaties ontwikkeld worden dan kan er berekend worden wat de waardedaling is. Er kan dan gebruik gemaakt worden van planschade.

Presentatie Bosch en van Rijn: Er wordt gesproken over hinder. Welke hinder kunnen wij dan aan denken?

Hinder van windturbines is vooral het gevolg van het geluid dat de windturbines maken. Slagschaduw is ook hinderlijk, maar door de strenge landelijke norm komt dit niet vaak voor (max. ca. 6 uur per woning per jaar).

In Zuid Duitsland is de norm minimaal afstand tot bewoning inmiddels 10X de tiphoogte. Omgerekend is dat hier 2,5 km bij de grootste molen.

Het is bekend dat andere landen op een andere wijze dan Nederland hun normstelling voor het beperken van milieueffecten van windturbines hebben ingericht. Voor een vergunning wordt getoetst aan Nederlandse wet- en regelgeving. Er is geen aanleiding om aan te nemen dat de Nederlandse normen onvoldoende bescherming bieden.

Welke hinder is te verwachten voor woningen afhankelijk van de afstand? Is er berekend bijvoorbeeld wat voor extra geluidshinder (in dB) is te verwachten op bijv 500 of 1000 meter afstand?

Dat kan nu nog niet gezegd worden. Dat hangt af van het type windturbine. Dit wordt pas onderzocht ten behoeve van een vergunning, als een ontwikkelaar of energie coöperatie onderzoekt wat de effecten zijn van een bepaald type windturbine.

Vraag over onderzoek:

Bij een 'positief effect' staat steeds n.v.t. waarom is dat? Als positieve effect n.v.t. zijn, waarom worden ze er dan neergezet? Zou er een mogelijke theoretisch positief effect kunnen zijn?

Het locatieonderzoek hanteert een transparante en reproduceerbare beoordelingsmethode. Daartoe is een vijf-puntsschaal toegepast voor alle beoordelingscriteria. Van de meeste milieuthema’s weten we dat er geen positieve effecten van een windpark zijn (bijvoorbeeld als het gaat om het effect op de omgeving of ecologie). Daarom krijgt een locatie op die thema’s nooit een positieve score. Het enige volledig positieve milieueffect is de energieproductie (en de daarmee gepaard gaande reductie van CO2). In sommige omstandigheden kan een windpark een positief landschappelijk effect hebben (bijvoorbeeld door het benadrukken van bepaalde grootschalige landschappelijke structuren). Zie ook paragraaf 2.5 van het locatieonderzoek voor nadere toelichting op de vijf-puntsschaal.

In het gebied Woolde leven op dit moment veel vogels. Wat wordt de impact van deze 2 grote windturbines daar? Krijgen we daar dan niet te maken met een grote vogelsterfte?

Er is een ecologisch onderzoek uitgevoerd als onderdeel van het locatieonderzoek. Daar zijn de effecten van de zoeklocaties voor windturbines in kaart gebracht. Daaruit blijkt dat een goede inpassing van de windturbines en door te zorgen voor alternatieve nestlocaties negatieve effecten in de aanlegfase beperkt blijven.

Negatieve effecten in de aanlegfase van de windturbines op beschermde soorten, bijvoorbeeld bij   grondwerkzaamheden, doorgaans goed zijn te beperken. In de gebruiksfase kan in het leefgebied  verstoring optreden vanwege windturbines, met name door geluid en slagschaduw. In kunnen de gebruiksfase kunnen vogels en vleermuizen sterven doordat ze tegen de windturbines aanvliegen. Dit vraagt om een verdiepend onderzoek naar de aanwezige vleermuis- en vogelsoorten, zodat een schatting kan worden gemaakt van het aantal slachtoffers per soort.

Als uit dergelijk projectspecifiek (veld)onderzoek blijkt dat er te veel vogelslachtoffers zouden vallen kan een windpark niet gebouwd worden.

Klopt het dat er geen radarverstoringsonderzoek is gedaan? Dat is in Borne wel gedaan (door Witteveen + Bos) en daaruit blijkt dat er geen geschikte locatie beschikbaar is

Er is geen projectspecifiek radarverstoringsonderzoek uitgevoerd, omdat dergelijk onderzoek sterk afhangt van de projecteigenschappen (precieze locatie en afmetingen van windturbines). Daarom vindt dergelijk onderzoek meestal pas plaats als onderdeel van een concreet project.

In Hengelo heeft Bosch & van Rijn de wettelijke belemmeringen van de radar voor windturbinelocaties in kaart gebracht. In dit onderzoek is geen rekening gehouden met de verstoring van windturbines op de radar van Thales, omdat dit geen wettelijke belemmeringen zijn. Thales heeft contact met de gemeente Hengelo opgenomen, omdat een windturbine ten Zuiden van het Twentekanaal verstorend is voor de bedrijfsvoering van Thales. Hengelo wil hiervoor een verdiepend onderzoek laten uitvoeren om die verstoring specifieke in kaart te brengen.

Wordt er rekening gehouden met de effecten van laag frequente trillingen die veel stress kunnen veroorzaken bij mensen en dieren?

Het RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu en LBP/Sight heeft onderzoek gedaan naar de gezondheidseffecten van het geluid van windturbines. Dat is gedaan door alle wetenschappelijke literatuur tussen 2017 en 2020 over de gezondheidseffecten van het geluid van windturbines te analyseren en te evalueren. Op dit moment ontstaat er steeds meer plekken onrust over de impact van windturbines op de gezondheid. Daarom komt er een nieuw expertisecentrum waarin RIVM en GGD samen werken om gezondheidsproblemen die kunnen ontstaan door windturbines te onderzoeken. Er moet nog veel onderzocht worden en de gemeente Hengelo volgt deze ontwikkelingen en werkt daarin samen met de RES Twente.

Zijn deze windturbines wel rendabel genoeg in het luwte gebied in Hengelo als er geen subsidie wordt gegeven?

Het waait in Nederland harder dan in ons buurland Duitsland, zelfs op een binnenlandlocatie als Hengelo. Daardoor zijn windturbines ook in Hengelo rendabel. Wel leveren grotere windturbines meer stroom. Zo levert een windturbine van met een tiphoogte van 255 meter 2 keer zoveel elektriciteit op als één met een tiphoogte van 210 meter hoog.

Nederland is dichter bevolkt en heeft geen heuvels en bergen. Moet daarom de norm een kortere afstand zijn?

De Nederlandse milieunormen zijn een belangenafweging tussen het voorkomen van omgevingshinder enerzijds en het belang van de energietransitie anderzijds. Deze afweging wordt in elk land gemaakt. Dichtbevolkte landen hebben minder ruimte om de energieproblematiek op te lossen en zijn daarom gedwongen meer hinder toe te staan.

Waarom denken we niet aan andere oplossingen bijvoorbeeld thorium reactoren, waterstof en kernfusie?

Het produceren van stroom via een thoriumreactor is geen oplossing voor de korte termijn. Daarvoor zijn nog tientallen jaren nodig, zelfs als we nu in Europees verband alle zeilen bij zetten en volop investeren om deze technologie versneld toe te willen passen. Thorium technologie staat nog in de kinderschoenen en er moet nog heel veel onderzoek worden gedaan. Die tijd hebben we niet. We moeten nu invulling geven aan de doelstellingen voor 2030. Daarom ziet het huidige kabinet kernenergie vooral als optie voor de periode na 2030. Er wordt op dit moment gekeken welke partijen, onder welke voorwaarden, geïnteresseerd zijn om in Nederland een nieuwe kerncentrale te bouwen. Dit is een besluit wat door het Rijk wordt genomen en gemeenten geen invloed op hebben. Het grootste nadeel van kernenergie is het radioactieve afval uit een centrale. Hoewel het minder lang radioactief is dan van een traditionele kerncentrale dat 100.000 jaar gevaarlijk blijft. Het afval uit een thoriumreactor is na ongeveer 300 jaar onschadelijk.

Op welke plek op de Westermaat zou de windturbine moeten komen? Hier zijn namelijk ook veel woningen in de buurt (Bornsche maten, Medaillon, Hengelose Es).

Op de Westermaat is er naast Eaton ruimte voor een windturbine en op de Westermaat Campus naast de afrit 30 bij de A1. Er is in dit gebied maar ruimte voor één windturbine en beide locaties liggen heel dicht bij de woonwijken Bornsche Maten. De afstand tot de Hengelose woonwijken Medaillon en de Hengelose Es is groter. 

Is er rekening gehouden bij locatie Twence dat het een laagvlieg gebied is en dat hij midden op een caverne staat?

Voor de zoeklocaties voor windturbines is rekening gehouden met de alle wettelijke belemmeringen, zoals afstand tot gasleidingen, hoogspanningsleidingen, laagvliegroute en de radar van vliegveld Twente. Ook heeft er een locatieonderzoek plaats gevonden waarbij de milieueffecten op de zoekgebieden in kaart zijn gebracht. Er heeft nog geen onderzoek plaats gevonden naar de ondergrond of andere aspecten, zoals cavernes. Ook zal er extra onderzoek nodig zijn om de effecten van een windturbine op de radar van Thales in kaart te brengen. Die onderzoeken vinden plaats zodra het omgevingsprogramma Nieuwe Energie is vastgesteld door het college. 

Waar komt deze haast vandaan? Windmolens kun je in 2 jaar bouwen en dus kunnen we prima wachten tot 2028 en alsnog onze 2030 doelen halen?

Het duurt gemiddeld 7 tot 10 jaar om een windturbine te realiseren. Om de doelstelling in te vullen voor 2030 is het daarom belangrijk om nu al te beginnen en inwoners, omwonenden en belanghebbende direct vanaf het begin te betrekken.

Waarom staart de politiek zich blind op molens en zonnepanelen zonder te kijken of weet te hebben van andere oplossingen?

In het Klimaatakkoord zijn er afspraken gemaakt dat alle gemeenten bijdragen via de Regionale Energiestrategie (RES) aan opgave voor duurzame elektriciteit opwek op land via wind en zon. Meer dan 45 tot 50 zonnepanelen op daken, gevels en op parkeerplaatsen tellen ook mee. Andere oplossing voor duurzame elektriciteit dragen wel bij om invulling te geven aan de lokale doelstellingen, maar niet voor de bijdrage aan de RES Twente.

Kan er ook een proefmolen geplaatst worden?

De investeringen in een windturbine zijn van dien aard dat het niet mogelijk is om een proefmolen te plaatsen. Wel kan er een bezoek worden gebracht aan locaties waar vergelijkbare windturbines staan, zodat omwonenden zelf kunnen ervaren wat de effecten zijn van windturbines.

Wie gaat de wind- en zonne-energie exploiteren? Komen de opbrengsten Hengelo ten goede of vloeit het geld weg naar de commerciële (buitenlandse) bedrijven?

In de hoofdlijnen van het omgevingsprogramma hebben we opgenomen dat meer dan 50% ten gunste lokaal wordt ingevuld. Verder streven wij ook naar een eerlijke verdeling van de lusten en de lasten. Daarom willen we met een gebiedscontract werken, zodat omwonenden ook mee profiteren van de opbrengsten.

Er zijn omliggende gemeenten die afhaken, waarom drukt Hengelo het er gewoon doorheen?

Tot nu toe zijn andere Twentse gemeenten nog niet afgehaakt, maar hebben ervoor gekozen om de gespreken over wind uit te stellen. Hengelo kiest ervoor om inwoners en omwonenden uit Hengelo en de buurgemeenten vroeg te betrekken bij de keuzes. Daarom hebben wij alle zoeklocaties zijn bekend gemaakt en zijn hierover in gesprek met de samenleving. Er worden nu nog geen definitieve locaties aangewezen, omdat er nog verdiepende onderzoeken moeten plaats vinden. Zo neemt Hengelo deel aan het opstellen van een plan milieueffectrapportage voor heel Twente. Daarin worden ook de effecten van windturbines op de gezondheid onderzocht. Hengelo doorloopt een zorgvuldig proces en neemt daar ook de tijd voor.

Waarom wordt er niet regionaal gedacht inzake windturbines? Bijvoorbeeld waarom niet op het regionale bedrijventerrein XL park in Almelo, langs de snelweg? Gem. Hengelo is mede-exploitant van het XL Park

Alle Twentse gemeenten werken samen in de RES Twente. Er zijn afspraken gemaakt dat iedere gemeente bijdraagt aan de regionale opgaven en hierover in gesprek gaat met inwoners. Hengelo stelt hiervoor een omgevingsprogramma op, waarbij inwoners bij betrokken worden. Het bedrijventerrein XL Park staat op Almeloos grondgebied en de opbrengst van zonnepanelen op de daken in dit gebied wordt naar Almelo toegerekend. Hier zijn regionaal geen afspraken gemaakt. Wel zijn er afspraken gemaakt over de opwek van Twence. Die wordt verdeeld op basis van aandeelhouderschap.

Maakt een windturbine evenveel geluid als een snelweg?

Per dag krijgen we heel wat geluid op ons af. Een windturbine mag niet meer dan 47 decibel geluid op woningen veroorzaken. Om te kunnen inschatten hoe hard geluiden uit het dagelijks leven zijn geven we hier voorbeelden van: Wind door de bomen levert al zo’n 25 decibel op, een vaatwasser 60 decibel, een drukke straat 85 decibel en een warmtepomp mag tegenwoordig niet meer dan 45 decibel aan geluid produceren.

T.a.v. locatie Westermaat Zuid: Is er gekeken naar impact op Thales (testen van radar systemen)?

Thales heeft technische berekeningen gemaakt naar de impact die windturbines hebben op hun radar. De grootste belemmeringen zitten ten Zuiden van het Twentekanaal. De zoeklocaties op de Westermaat Campus/Westermaat hebben wel effect op de radar, maar deze zijn acceptabel. Zouden er meerdere lagere windturbines geplaatst worden aan de noordzijde van het Twentekanaal, bijvoorbeeld langs de A1 dan zal dat meer impact hebben. Er moet verdiepend onderzoek plaatsvinden om dit verder te onderzoeken. Daarom laat de gemeente Hengelo de zoeklocatie op het industrieterrein Twentekanaal ook nog niet afvallen. Voor deze zoeklocatie is namelijk de meeste acceptatie. 

Heb je ook een beeld vanuit de rand van de Bornsche Maten op de hoge windturbine op de Westermaat!! ipv achter het stadhuis.

Die beelden kunnen gemaakt worden. In de Karavaan kan vanuit elke locatie in Hengelo een beeld gegeven worden van de windturbines.

In hoeverre wordt er overlast ervaren van slagschaduw op verdere afstand met laagstaande zon?

Slagschaduw draait met de zon mee en reikt bij zonsopgang en -ondergang in de winter het verst. Er zijn normen gesteld aan de hoeveelheid slagschaduw die toelaatbaar zijn op een woning. Daarom wordt een windturbine stopgezet als deze norm is bereikt.

Hoe groter de afstand, des te kleiner is het deel van de zon dat steeds door de wieken van een windturbine wordt bedekt. Daarom wordt een afstand van 12 x de rotordiameter in de Activiteitenregeling milieubeheer gezien als de maximale afstand waarbinnen de slagschaduw hinderlijk kan zijn. Voor de onderzochte windturbines gaat het dan dus om een afstand van ca. 1,5 tot 2 km.

Waarom staan de plannen van Twente niet op de Atlas van Overijssel?

De plannen van Twente zijn nu nog niet opgenomen in de Atlas van Overijssel. Dit gebeurt pas wanneer de bijdragen van gemeenten zijn opgenomen in de gemeentelijke omgevingsvisies. Daarna wordt dit opgenomen in de provinciale omgevingsvisie Overijssel.

Hoe kan een klein groen stipje in de Westermaat nav de harde belemmeringen toch als onderzoeksgebied blijft opgenomen? Zijn de woningen van de buurgemeente Bornsche Maten wel meegenomen hierin?

De zoeklocaties op de Westermaat Campus en de Westermaat zijn gebaseerd op de wettelijke belemmeringen. Verder is er in het locatieonderzoek de effecten van windturbines op de zoekgebieden en de omliggende gebieden in een straal van 500 en 1000 meter in kaart gebracht daarin zijn ook de woningen van de buurgemeenten en de Bornsche Maten meegenomen. De verschillende zoekgebieden voor wind zijn onderling met elkaar vergeleken en hieruit komt naar voren dat deze twee zoeklocaties de meest effecten hebben op woningen. In het opstellen van het voorlopig ontwerp omgevingsprogramma zal daarom alle reacties op de hoofdlijnen worden meegewogen, maar ook het de uitkomsten van het locatie onderzoek.

Wat zal de verbruik TOP3 van de windenergie zijn?

Er is geen top 3 voor de windenergie. We hebben in onze doelstellingen een percentage opgenomen voor het energieverbruik van Hengelo.

Hoe worden de lokale doelstellingen ingepast in het nationale programma Energiehoofdstructuur.

Er zijn afspraken gemaakt met de netwerkbeheerders dat alle bijdragen die de Twentse gemeenten leveren aan de RES Twente ook werkelijk aangesloten kunnen worden. Het Programma Energiehoofdstructuur (PEH) stelt nationale kaders op zodat overheden en bouwers deze nieuwe energie-infrastructuur goed kunnen plannen.

Waarom wordt het industriegebied van Hengelo Zuid gespaard voor windmolens? Wat is hiervoor de verklaring? Gaat de steenfabriek en beton centrale zelf molens bouwen?

De zoeklocaties zijn tot stand gekomen door binnen de zoekgebieden alle wettelijke belemmeringen in kaart te brengen. Op het industrieterrein van Hengelo Zuid blijft er maar één locatie over als rekening wordt gehouden met de wettelijke belemmeringen. Er is geen ruimte voor meer zoeklocatie.

Volgens het radarverstoringskaart van Nederland is er maximaal circa 118m1 hoogte mogelijk voor nieuwe windturbines in een gebied van circa 15 km rondom de radar. Gemeente Hengelo valt hier binnen.

Windturbines die hoger zijn dan de genoemde 118 meter zijn niet op voorhand onmogelijk, maar zijn verplicht om een radarhindertoetsing uit te voeren. Deze vindt doorgaans plaats als onderdeel van de vergunningenprocedure.

De radar van vliegveld Twente is betrokken bij het technisch onderzoek om binnen de zoekgebieden tot zoeklocaties te komen. Maar ook is er rekening gehouden met de laagvliegroute.

In hoeverre wordt de invulling van windenergie nu ook vanuit de provincie opgepakt? In vele gemeenten speelt deze problematiek, sommige projecten al gestaakt. Gemeenteoverstijgend. (Artikel Tub)

Nog geen enkele gemeente in Twente heeft windturbines uit hun beleid gehaald. Wel zijn er een aantal gemeenten die besluitvorming hierover heeft uitgesteld. Deze gemeenten zullen volgend jaar na de gemeenteraadverkiezingen het gesprek met inwoners en omwonenden weer oppakken.

In deze fase zal de provincie Overijssel de invulling voor windturbines niet oppakken. Pas als binnen de RES Twente niet aan de voorwaarden wordt voldaan, zoals alle partners die met elkaar hebben afgesproken kan de provincie Overijssel overweging om hun rol op te pakken.

Niet lang geleden is er een brandbrief gestuurd door een grote groep artsen over het gevaar gezondheid door windturbines dichtbij woningen. Is deze brief bekend bij de onderzoekers en bij de gemeente?

Deze brief is zowel bekend bij de gemeente Hengelo als bij het adviesbureau Bosch & van Rijn. Daarom gaat het nu nog over zoeklocaties, omdat er verdiepend onderzoek nodig is. Samen met de RES Twente vinden er gesprekken plaats met de GGD om de effecten die windturbines hebben op de gezondheid in kaart gebracht. Ook het RIVM doet vervolgonderzoeken naar de effecten die windturbines hebben op de gezondheid. Verder hebben er een aantal artsen het initiatief genomen om verdiepend onderzoek te laten uitvoeren. Dit doen ze vanuit windwiki. Alle resultaten van de onderzoeken wegen wij mee in het uiteindelijk aanwijzen van definitieve locaties voor windturbines.

Belangrijker dan beeld is het geluid en daar horen we te weinig over in deze presentatie

Uit ervaringen elders weten we dat de in het locatieonderzoek gehanteerde vuistregels een goede indicator zijn voor de mate van hinder als gevolg van geluid. In een later stadium, als er sprake is van concrete projecten, kan het onderwerp geluid in meer detail worden behandeld.

Waar worden de windturbines gemaakt?

Er zijn verschillende windturbine leveranciers. Bekende windturbine leveranciers die in Nederland actief zijn:

  • Vestas (Denemarken)
  • Enercon (Duitsland)
  • Nordex (Duitsland)
  • Siemens-Gamesa (Duitsland)

Uitdaging is in kaart brengen van de laagfrequente trillingen. Vervolgens de impact op mens en dier

De impact van laagfrequent geluid van windturbines is gering, maar wel aanwezig. Er zijn geen aanwijzingen dat windturbines negatieve effecten hebben op dieren, met uitzondering van vogels en vleermuizen.

Om de impact van laagfrequent geluid in kaart te brengen moet ook het type windturbine bekend zijn. Landelijk worden hier al veel onderzoeken naar gedaan.

Hoe wordt gekeken naar het vol leggen van daken met PV panelen? Er wordt beperkt gebruik gemaakt van de volledige potentie door versobering van salderingsregeling en lage vergoeding overproductie?

We maken onderscheid tussen grootschalige ‘zon op dak’ installaties en zonnepanelen op daken van particuliere huiseigenaren. Grootschalige installaties hebben meer dan 45 zonnepanelen (>15 kWp). Voor grootschalige installaties kunt u de SDE++ subsidie aanvragen. Hiervoor geldt de salderingsregeling niet. Op de daken van de particuliere huiseigenaren kunnen meestal minder dan 45 panelen gelegd worden. Dan geldt de salderingsregeling wel.

De Tweede Kamer heeft het wetsvoorstel om de salderingsregeling af te bouwen nog niet aangenomen. Het besluit om deze wet wel of niet aan te nemen is uitgesteld. Het nieuwe kabinet moet daarover beslissen. Gemeente Hengelo heeft samen met gemeente Enschede en Almelo een bureau ingeschakeld om onderbouwing te geven waarom de salderingsregeling moet blijven bestaan. Dit om particuliere gebouweigenaren zekerheid te geven. Samen met de 40 grootste gemeenten in Nederland vindt er een lobby plaats om de salderingsregeling te laten bestaan. Of dit succesvol is? Dat wordt pas na de kabinetsformatie duidelijk. Toch blijft het nog steeds aantrekkelijk om zonnepanelen op daken te leggen, ook in het geval dat de salderingsregeling wel wordt afgebouwd. Lees hierover meer op de website van Milieu Centraal

Wat is het effect van zonnevelden op de begane grond (b.v. op gras) op de flora en fauna onder die panelen?

Dit hangt af van de locatie en het ontwerp van de zonnevelden. Een Oost-West georiënteerde opstelling van de zonnepanelen geeft over het algemeen meer elektriciteitsproductie. Echter komt bij deze paneeloriëntatie minder zonlicht tot de bodem en het regenwater wordt in hoge mate ongelijkmatig verdeeld. Bij zuid gerichte zonnepanelen zit er meer afstand tussen de panelenrijen en is het mogelijk om effecten op de bodem te beperken door genoeg ruimte vrij te houden onder (en tussen) de tafels.

Uit onderzoek van de Universiteit Wageningen blijkt dat in agrarisch intensief gebruikte gebieden (b.v. ook grasland) zonnevelden zelfs kunnen bijdragen aan de verhoging van de biodiversiteit. Dan moet er wel voldoende licht en water op de bodem blijven komen. Bij ontwerp en realisatie moet er dus aandacht zijn voor biodiversiteit. Ook bij het beheer na de aanleg van zonnevelden moet daarvoor aandacht zijn. De gemeente neemt dit in het omgevingsprogramma op als randvoorwaarde. Lees hierover meer op https://edepot.wur.nl/541057

Hoe gaan jullie garanderen dat het een stabiel netwerk wordt?

De combinatie van zonnevelden en windturbines dragen bij aan een stabiel elektriciteitsnet, omdat de energieproductie van zonnevelden in het voorjaar en de zomer het hoogst zijn en voor windturbines is dat in het najaar en de winter. Vaak is het zo dat als het hard waait de zon niet volop schijnt en andersom. Het is de verantwoordelijkheid van netwerkbeheerders dat er altijd voldoende elektriciteit beschikbaar is. Nu wordt nog niet alle energie via wind en zon opgewekt en doet dat probleem zich niet voor.

Waarom wordt de weinige vrij natuur benut, terwijl er genoeg daken en pleinen zijn om die vol te leggen?

Hengelo wil daken, parkeerplaatsen en gevels maximaal benutten. Dat is alleen niet genoeg om de doelstellingen voor duurzame energieopwek in te vullen. Daarom zijn er ook windturbines en zonnevelden nodig. Daarvoor willen wij vooral aansluiten bij de infrastructuur van de snelwegen en stadsranden met industrie en bedrijvigheid. De groene buiten gebieden met vrije natuur willen we zoveel mogelijk sparen.

Volgens Urgenda kan het wel volledig op zee in combinatie met 9 panelen op elk dak?

Urgenda geeft de voorkeur aan energie besparen door bijvoorbeeld grootschalige toepassing van zuinigere elektromotoren en energiebesparende magneetkoppelingen. Ze geven de voorkeur aan wind op zee en zon op dak. Voor windturbines op land adviseren ze om deze op industrieterreinen, langs snelwegen, op nieuwe dijken. Om te voldoen aan de doelstelling van het Klimaatakkoord geeft ook Urgenda aan dat het wel nodig is om windenergie op land te realiseren. Zij gaan daarbij uit van 4 tot 5 windturbines gemiddeld per gemeente.[1] Voor zon zien ze naast zon op dak ook mogelijkheden voor zon op parkeerplaatsen, gevels maar ook de  mogelijkheden langs en in snelwegen en op water. Dit zijn een paar ideeën uit hun visie Nederland 100% duurzaam in 2030. Maar ze geven nog veel meer ideeën om in 2030 al 100% duurzaam te kunnen worden. Deze vindt u op https://www.urgenda.nl/wp-content/uploads/Rapport-2030-update-juni-2020.pdf

Hoe zit het met de capaciteit van het stroomnetwerk?

In de RES Twente zijn afspraken gemaakt met de netwerkbeheerders dat alle energieprojecten die bijdragen aan de regionale opgave voor duurzame elektriciteitsopwek ook aangesloten kunnen worden.

Waarom worden zonnepanelen niet ook op sociale huur woningen geplaatst? Welbions verhuurt nu namelijk zonnewering aan de bewoners van de flat waar ik woon, maar panelen kan toch ook?

Zonnepanelen op daken van sociale huurwoningen is zeker een goede optie. Gemeente Hengelo maakt jaarlijks prestatieafspraken met Welbions en voor 2021-2022 is duurzame elektriciteitsopwek één van de afspraken. Dit heeft dus de aandacht van Welbions en hierover is de gemeente Hengelo al in gesprek met hen.

Wanneer horen we meer over de doorberekening?

In het locatieonderzoek van adviesbureau Bosch & van Rijn vindt u een doorberekening wat de potentie van de verschillende zoekgebieden is. De hoofdlijnen van omgevingsprogramma Nieuwe Energie wordt verder uitgewerkt in een ontwerp omgevingsprogramma. Daarin wegen we de reacties die wij krijgen van inwoners en belanghebbenden uit Hengelo en de buurgemeenten. Dat geeft meer duidelijkheid hoe we in Hengelo duurzame elektriciteit op gaan wekken in 2030.

Heeft de zonneladder als eerste toetsing plaatsgevonden?

De zonneladder maakt onderdeel uit van de hoofdlijnen van het omgevingsprogramma Nieuwe Energie en is toegepast bij de voorkeursvolgorde.

Waarom wordt Slangenbeek nog als optie gepresenteerd? Nu evident is dat de bewoners tegen zijn? Waarom worden de gebieden niet uitgesloten?

Het locatieonderzoek geeft geen aanleiding om de zoekgebieden Slangenbeek Noord en West af te laten vallen. Dit gebied kenmerkt zich wel door kleinschalig landschap. Hier staan we dan ook alleen kleinschalige ontwikkelingen toe als de initiatieven uit het gebied zelf komen met acceptatie van omwonenden en 100% lokaal eigendom. Wij gaan graag met het gebied in overleg over de ideeën die er zijn om bij te dragen aan de doelstellingen van Hengelo.

Bij Twence in Twekkelo ligt toch al groot zonneveld?

Bij Twence ligt inderdaad een groot zonneveld langs de A35. Dit zonneveld ligt op Enschedees grondgebied. Het gebied tussen Nobian (AkzoNobel) en Twence sluit daar goed op aan. Het ligt langs industrieterrein Twentekanaal Zuid en een zonneveld sluit daar goed bij aan. Uiteraard moet een zonneveld aan de kant van Twekkelo ingepast worden met een onzichtbare stadsrand met een volledige groen inpassing.  

Wie heeft de doelstellingen bepaald?

In het programma Nieuwe Energie Hengelo zijn de doelstellingen voor duurzame energieopwek opgenomen. Het programma is op 26 september 2017 vastgesteld door de raad van de gemeente Hengelo. 

Over het locatieonderzoek: Is het onderzoek van Bosch & van Rijn op locatie uitgevoerd?

Het locatieonderzoek is van Bosch & van Rijn is, met uitzondering van het onderdeel ecologie, een literatuurstudie. Daarbij is onder andere gebruik gemaakt van de provinciale omgevingsvisie, de provinciale omgevingsverordening, de provinciale Handreiking zonnevelden en de provinciale Catalogus gebiedskenmerken Overijssel. Daarnaast is gebruik gemaakt van diverse (digitale) informatiebronnen, zoals de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) en GIS.

Over het locatieonderzoek: Is er ook rekening gehouden met de wildstand?

Een onderdeel van het locatieonderzoek is een ecologisch onderzoek van het Bureau Waardenburg waar de effecten van zonnevelden en windturbines heeft op de flora en fauna.

Over het locatieonderzoek: Woningdichtheid als criteria in het locatie onderzoek is bijzonder. In Dalmeden zijn de kavels groter en is dus de woondichtheid laag en dus lijkt het een zoekgebied te zijn?

Dankzij het criterium woningdichtheid is het mogelijk om naast een absolute beoordeling ook een relatieve beoordeling te doen op het onderdeel omgeving. De woningdichtheid in de verschillende onderzochte zoekgebieden varieert. Als zoekgebieden worden vergeleken op basis van het aantal woningen in een zoekgebied, kan een vertekend beeld ontstaan als de omvang van het zoekgebied in hectare niet wordt beschouwd.

Over het locatieonderzoek: Waar is woningdichtheid een criterium? In buitengebieden is de woningdichtheid per definitie dunbevolkter?

Zie de beantwoording op de vraag hierboven. Deze beantwoording is ook van toepassing op deze vraag.

Over het locatieonderzoek: In hoeverre zijn hun schattingen van het percentage daken die geschikt zijn zonnepanelen nauwkeurig en wat is realistisch, 20% of zo 40% als het bureau Bosch & van Rijn alleen literatuuronderzoek heeft gedaan?

De schattingen van het percentage geschikt dakoppervlak is geen onderdeel van het locatieonderzoek maar van de eerder uitgevoerde Potentiestudie grootschalige zon en wind gemeente Hengelo.

Het is praktisch onmogelijk om al het grootschalige dakoppervlak in de gemeente op de locatie te onderzoeken op geschiktheid voor zonnepanelen. Daarom is ervoor gekozen om te werken met schattingen aan de hand van kengetallen en aannames, die weer zijn gebaseerd op ervaringen elders in Nederland. Er is geen aanleiding om aan te nemen dat deze niet van toepassing zouden zijn op de situatie in Hengelo.

Waarom wordt de opgave per gemeente aangepakt en niet regionaal? Zo kan een gebied wat op de grens van 2 of meer gemeenten ligt van meerdere kanten te maken krijgen met het verdwijnen van natuur?

De 14 Twentse gemeenten zijn partner in de RES Twente. Zij hebben afgesproken dat iedere gemeente een bijdrage levert aan de het regionale bod aan het Rijk. Via sub regionale samenwerking vindt afstemming plaats over de grensgebieden en de afwegingen die daarbij worden gemaakt. 

Woolde ligt toch grotendeels in Twickel? Geeft dat bestuurlijke uitdagingen?

Het zoekgebied waar de A1 en de A35 elkaar kruisen is een gebied waar Twickel ook veel gronden heeft. Zo is het retentiegebied grondgebied van Twickel. Dat vraagt wel om afstemming voor de realisatie van energieprojecten. Als Twickel hun gronden niet beschikbaar wil stellen, zal daar geen ontwikkelingen plaats vinden.

Als de daken niet geschikt zijn, waarom maken we ze binnen 30 jaar niet geschikt zodat de panelen daar wel geplaatst kunnen worden?

Onderdeel van het omgevingsprogramma Nieuwe Energie is een stimuleringsplan ‘zon op dak’. Daarin werken we uit hoe we gebouweigenaren kunnen stimuleren hun daken te benutten om zonnepanelen te plaatsen. Vanaf 1 juli 2022 verwachten wij dat er een wet komt de gemeente de mogelijkheid geeft om gebouw eigenaren te verplichten hun daken te benutten voor elektriciteitsopwek. Daar moet wel een plan gemaakt worden, want gebouweigenaren moeten wel de tijd krijgen om daken geschikt te maken.

Wie wekt de energie op als er geen zon en wind is?

Op dit moment wordt er ook nog elektriciteit opgewerkt via andere bronnen, zoals biomassa maar ook fossiele bronnen. In de toekomst als er steeds meer energie via zon en wind wordt opgewekt zal daar aandacht voor moeten zijn. De verwachting is dat er in de toekomst ook nieuwe innovatieve technieken beschikbaar zijn die oplossingen kunnen bieden. Een voorbeeld van een potentiële techniek voor de opslag van duurzaam opgewekte elektriciteit is waterstof.

Zijn de woningplannen wel meegenomen in de woningdichtheid, want er komen veel nieuwe woningen?

Nee die zijn niet meegenomen

In hoeverre is de input vanuit de ingenieurs branche en de technische branche meegenomen? Bijvoorbeeld de werkgroepen van KIVI?

Deze is in het locatieonderzoek en de hoofdlijnen niet meegenomen. Wel volgen wij nieuwe ontwikkelingen op de voet en geven ruimte voor pilots om nieuwe technieken te onderzoeken die  bijdragen om invulling te geven aan de opgave.

Zijn de 'strikte voorwaarden' van de groene gebieden nader gedefinieerd?

In de hoofdlijnen van het omgevingsprogramma zijn op dit moment de volgende voorwaarden gedefinieerd:  

o          Initiatieven die van onderaf ontstaan.

o          Met acceptatie van omwonenden

o          100% lokaal eigenaarschap

o          Goede inpassing

In Beckum/Oele is een energiewerkgroep actief die zelf het initiatief neemt om invulling te geven aan de bijdrage vanuit het gebied. Zij hebben hiervoor zelf voorwaarden opgesteld en willen daarover met de gemeente afspraken maken. De gemeente Hengelo vindt deze ontwikkeling positief en faciliteert deze ontwikkeling.

Wat is jullie definitie van participatie?

Voor de gemeente Hengelo betekent participatie het betrekken van inwoners, bedrijven en andere belanghebbenden. Bij dit thema gaan het niet alleen om de eigen gemeente. Ook de buurgemeenten voelen de effecten. Het gaat over de gemeentegrenzen heen. De gemeente Hengelo maakt gebruik van de participatieladder om de invloed van de inwoners weer te geven. De participatieladder heeft vijf treden: informeren – raadplegen – adviseren – coproduceren en  meebeslissen.  Participatie begint dus bij het informeren over de plannen en ontwikkelingen, en om het beantwoorden van de vragen die er spelen in de samenleving. In de digitale bijeenkomsten over zonne- en windenergie hebben we  iedereen de mogelijkheid gegeven om hun vragen, twijfels of ideeën met ons te delen (raadplegen). Als vervolg hierop gingen we in gesprek met inwoners en belanghebbenden. Zodat de gemeente reacties kon ophalen op de hoofdlijnen van het omgevingsprogramma (adviseren). Hiervoor is in juni en juli de Karavaan van Nieuwe Energie in het leven geroepen. Deze is op 25 juni 2021 van start gegaan en is geëindigd op 8 juli 2021. Er zijn 7 verschillende locaties bezocht verdeeld over Borne en Hengelo. Reacties kunnen ook altijd nog worden aangeleverd via het contactformulier.

Bij het opstellen van het ontwerp ‘omgevingsprogramma Nieuwe Energie’ wegen we alle reacties en ideeën. Niet alle reacties of ideeën worden overgenomen. Het niveau van participatie komt dus maximaal op de trede adviseren;  inwoners en andere belangstellenden geven advies aan de gemeente. We kiezen bewust niet voor coproduceren of meebeslissen. We moeten namelijk invulling geven aan de doelstellingen van de gemeente Hengelo om een bepaalde hoeveelheid elektriciteit op de wekken. Ergens in Hengelo moet die opwek gerealiseerd worden. Dat zal ook altijd wel ergens weerstand opleveren. Daarom start er na de vakantieperiode een formele inspraakprocedure. Er is dan gelegenheid om een zienswijze in te dienen. Alle zienswijzen worden gewogen bij het opstellen van het definitieve omgevingsprogramma Nieuwe Energie. Alle indieners krijgen een reactie hoe de zienswijze heeft bijgedragen aan het definitieve omgevingsprogramma. Uiteindelijk beslist de raad van de gemeente Hengelo, die is gekozen door de inwoners. Om goede afweging te kunnen maken heeft de gemeenteraad onafhankelijke informatie nodig. Daarvoor is er een locatieonderzoek door het adviesbureau Bosch & van Rijn opgesteld. Naast alle reacties uit de samenleving van Hengelo en de buurgemeenten is het locatieonderzoek meegewogen in het opstellen van de hoofdlijnen en zal als onderbouwing mee gewogen worden bij het opstellen van het ontwerp omgevingsprogramma en het definitieve omgevingsprogramma.   

Wat zijn nu precies de harde belemmeringen waardoor een bepaald gebied bij voorbaat is afgevallen als zoeklocatie voor zonnepanelen of windturbines?

De harde belemmeringen waarom Beckum/Oele is afgevallen als zoeklocatie voor het opwekken van windenergie, heeft alles te maken met de radar van defensie op vliegveld Twente. Voor zonnevelden zijn er geen harde belemmeringen. De Hasseler Es is afgevallen voor de opgave van 2030, omdat dit gebied landschappelijk en cultuurhistorisch waardevol is. Ook de groene buitengebieden vinden wij waardevol. Daarom staan we hier alleen kleinschalige ontwikkelingen toe die passen bij het landschap. Hierover gaan wij graag in gesprek met de inwoners, omwonenden en belanghebbenden uit die gebieden.

Heeft de gemeente zelf alle eigen beschikbare daken al vol gelegd met panelen?

De gemeente heeft zelf nog niet alle beschikbare daken vol gelegd. Er zijn al wel mooie voorbeelden, zoals het dak van het Twentebad. Onderdeel van het omgevingsprogramma Nieuwe Energie is een stimuleringsplan ’zon op dak’. Daarin willen wij als gemeente Hengelo het goede voorbeeld geven om de daken van het vastgoed dat in handen is van de gemeente te benutten voor zonnepanelen.  

Zijn de 'strikte voorwaarden' van de groene gebieden nog ergens na te lezen? Komen deze criteria op jullie website?

Op de website www.hengelo.nl/nieuwe-energie kunt u de hoofdlijnen van het omgevingsprogramma vinden, waarin de voorwaarden voor de groene gebieden zijn opgenomen.

De 390 GWh verbruik voor heel Hengelo zijn dat de doelstelling voor 2050. De verwachting is dat ons energiegebruik gaat toenemen door bijv. elektrische auto's. Is deze toename wel meegerekend?

In het omgevingsprogramma Nieuwe Energie geven wij invulling aan de doelstellingen voor duurzame energieopwek via zon en wind voor 2030. Deze zijn gebaseerd op het huidige energieverbruik en er is nog geen rekening gehouden met eventuele stijging van het elektriciteitsgebruik. De verwachting is dat het energieverbruik zal toenemen, maar dat hangt ook af van de wijze waarop woningen in de toekomst worden verwarmd. In Twente zijn namelijk veel duurzame warmtebronnen beschikbaar. Als die benut worden voor het verwarmen van gebouwen heeft zal daardoor de toename van elektriciteit positief beïnvloeden. Ook door elektrische mobiliteit zal het verbruik stijgen. Daar staat tegenover dat innovatieve technieken zoals motoren die gebruik maken van magneten er veel energie bespaart kan worden. De doelstellingen en maatregelen uit het omgevingsprogramma moet wel regelmatig worden gemonitord en geactualiseerd worden. Omdat het omgevingsprogramma één van de instrumenten is uit de Omgevingswet, zijn hier nog geen richtlijnen over. Met het inwerking treden van de Omgevingswet wordt dit verder uitgewerkt.

Kunnen zonnepanelen ook lucht reinigend en geluiddempend worden gebruikt?

Er bestaan coatings die kunnen worden toegepast bij zonnepanelen die een luchtzuiverende werking hebben, doordat stofdeeltjes in de lucht worden afgebroken. Dit is een relatief nieuwe techniek. Verder wijst onderzoek uit dat zonnepanelen een goede geluidsbarrière vormen langs snelwegen. Ze zijn uitermate geschikt voor geluidswanden. Deze reactie zullen we bij Rijkswaterstaat aandragen voor verdere uitwerking van de ‘Duurzaamheidsroute A35’. Als u meer wil weten over de ‘Duurzaamheidsroute A35’, kijk dan hier.

Waarom is de mijnbouwwet een belemmering voor overkapping van de A1?

Met het overkappen van de A1 ontstaat een soort van tunnel waar eisen aan worden gesteld op het gebied van milieu en veiligheid. Dit onderdeel is voorgelegd aan Rijkswaterstaat. Die gaven aan dat dit complex is vanwege wet- en regelgeving.

Bomen geven schaduw op zonnepanelen, dus begrijp ik goed dat alle bomen langs de A1 gekapt zullen worden?

Het is niet de bedoeling dat alle bomen gekapt gaan worden langs de A1. De zone langs de A1 is een zoekgebied en er moet gekeken worden waar energie opwek via zon en wind mogelijk is. Voor zonne-energie wordt gekeken naar het optimaal benutten van de mogelijke gronden. Onder strikte voorwaarden willen we het wel mogelijk maken om bomenkap toe te staan. Deze voorwaarden moeten nog verder opgesteld worden.

Waarom is er niet expliciet gekeken naar overkapping van de snelwegen?

De snelwegen vallen onder Rijkswaterstaat en zij zijn dan ook aan zet om die afweging te maken. RWS zal bij twee Karavanen van de Nieuwe Energie aanwezig zijn om ideeën te bespreken. Dit idee kan dan ook daar besproken worden.

[1] Tussen Kolen en Parijss - Gids voor spelers in de regionale energietransitie, Urgenda, mei 2021, p. 44

  1. Waarom moeten we in Hengelo duurzame energie opwekken?

    In 2050 moet we in Hengelo alle energie duurzaam opgewekken. Geen gas en kolen meer of andere fossielle brandstoffen meer. Waarom?
    In de afgelopen tientallen jaren is er wereldwijd sprake van een klimaatverandering. De gevolgen van deze klimaatverandering zijn inmiddels zichtbaar. De opwarming van de aarde wordt onder meer veroorzaakt door de toename van broeikasgassen in de lucht, zoals CO2. Deze toename is grotendeels veroorzaakt door de invloed van de mens. Door alle economische en maatschappelijke ontwikkelingen in de loop van de tijd hebben we veel van onze aarde gevraagd. Opwarming van de aarde is niet te stoppen, maar gaat minder hard als we wereldwijd maatregelen nemen om minder CO2 uit te stoten. Hiervoor zijn internationale afspraken gemaakt en vastgelegd in het klimaatakkoord (Parijs, 2015).

  2. Waarom wekken we duurzame elektriciteit in Hengelo op? Is er geen deelname elders mogelijk?

    Vanuit het Klimaatakkoord zijn er afspraken gemaakt dat er in Nederland 35 terawattuur (TWh) aan elektriciteit duurzaam voor 2030 moet worden opgewekt op land. Dit kan via zonnevelden, windturbines en zon op dak. Om de klimaatdoelen te behalen moet er daarnaast 49 TWh op zee en 7 TWh op daken van woningen worden opgewekt. Alle gemeenten in Nederland dragen daaraan bij via een Regionale Energiestrategie (RES).

    Bij een postcoderoosregeling wordt een dak gebruikt om elektriciteit op te wekken. Inwoners die zelf geen geschikt dak hebben kunnen deelnemen. Hoewel de postcoderoosregeling op 1 januari 2021 is gestopt zijn er nog steeds mogelijkheden voor particulieren voor wie zon op eigen dak geen optie is. Dit betekent dus niet dat Hengelo zelf geen energie hoeft op te wekken. Ook buurgemeenten hebben een eigen opgave waar ze invulling aan moeten geven.

    Figuur 1: opbouw van de   elektriciteitsproductie in 2030 over heel Nederland. Bron: Klimaat en Energieverkenning – PBL november 2019.


  3. In hoeverre is het efficiënt om in Oost-Nederland elektriciteit op te wekken met windenergie? Is dit niet meer iets voor de kust?


    In Oost-Nederland waait het minder hard dan aan de kust, maar nog steeds voldoende om windturbines elektriciteit te laten opwekken. Als er geen windturbines worden ingezet zijn er meer hectares zonnevelden noodzakelijk. Dat is niet efficiënt voor een stabiel elektriciteitsnet. Met alleen zon op dak kan Hengelo de doelstellingen niet invullen.


  4. In de winter en 's nachts levert een zonneveld toch niet zoveel op? 

    De wintermaanden tellen voor zonnepanelen eigenlijk nauwelijks mee. Die maanden zijn goed voor 3% van de totale jaaropbrengst. Een maand als juni is meestal goed voor 12% van de jaaropbrengst. En ook 's nachts levert een zonneveld niets op. Daarom is een combinatie van zon en wind heel efficiënt. Ook al waait het in Nederland het hele jaar door, de wind laat zich van zijn krachtigste kant zien in de winter. In de maanden november tot en met februari wekken windturbines gemiddeld bijna de helft van hun totale jaarproductie op.

1. Wat betekent het lokaal opwekken van energie en wat is de relatie tot 'van het gas af' binnen de Hengelose wijken?

De gemeente Hengelo wil in 2050 energieneutraal zijn. Dat betekent dat er geen fossiele bronnen meer worden ingezet voor de energie die we gebruiken, zoals aardgas. Daarvoor moeten we elektriciteit duurzaam opwekken en een alternatief voor aardgas inzetten om onze woningen te verwarmen. Er zijn duurzame warmtebronnen, zoals (industriële)restwarmte, biogas en aardwarmte. Ook kunnen gebouwen worden verwarmd met een warmtepomp die werkt op duurzaam opgewekte elektriciteit. Als we de beschikbare warmtebronnen niet maximaal benutten, moeten we meer warmtepompen inzetten voor het verwarmen van gebouwen. Daardoor stijgt de elektriciteitsvraag en moet er in de toekomst meer elektriciteit duurzaam opgewekt worden.


2. Staan powernesten ook op de agenda? Een powernest kan 20 megawatt opwekken.

We wekken duurzame elektriciteit op met technieken waarvan we nu weten dat we daarmee de doelstellingen voor 2030 kunnen invullen. Dat doen zijn windturbines en zonnevelden die ook werkelijk realiseerbaar zijn. We bieden daarnaast ruimte voor alternatieve technieken en innovatieve ontwikkelingen en initiatieven uit de samenleving. Daarvoor starten we pilots die bij succes opgenomen worden in het omgevingsprogramma. Het bestuur van de Westermaat Campus bieden wij de mogelijkheid om een pilot uit te voeren met lage windturbines in combinatie met zon op dak en op parkeerplaatsen. Relatief nieuwe producten zoals de powernest kunnen interessant zijn voor VVE’s en woningbouwcoöperaties. De technieken van kleine windturbines op daken kunnen ook een bijdrage leveren.

Deze leveren nu nog niet voldoende elektriciteit in vergelijking met de investeringen. Ook willen we onderzoeken of nieuwe producten ingezet kunnen worden, zoals een windturbines zonder rotorbladen die in landen als VS, Canada, Brazilië en Israël al staan.


3. Waarom wordt er niet gekeken naar groengas en (schone) biomassa en alleen naar windturbines en zonnepanelen?

Hengelo wil over 10 jaar minimaal 100 GWh per jaar aan duurzame elektriciteit opwekken via zonnepanelen op daken, zonnevelden en windturbines. Met de Twentse gemeenten in de Regionale Energie Strategie Twente (RES) zijn afspraken gemaakt wat iedere gemeente bijdraagt. De afspraak geldt alleen voor duurzame elektriciteit die is opgewekt met zon en wind. De doelstellingen van de gemeente Hengelo om duurzame elektriciteit op te wekken uit het programma Nieuwe Energie Hengelo zijn hoger, namelijk 156 GWh. Bij Twence wordt elektriciteit opgewekt met een zonnepark en bij de Rioolwaterzuiveringsinstallatie wordt ook elektriciteit opgewekt met biogas uit de rioolslibvergisting. De elektriciteit die daarmee wordt opgewekt van ongeveer 56 GWh draagt wel bij aan de doelstellingen van de gemeente Hengelo en dat willen wij ook bijdragen aan de RES Twente. Groengas en biomassa worden voornamelijk ingezet voor het verwarmen van woningen en gebouwen als alternatief voor aardgasvrij.


4. Kunnen we ook gebruik maken van kernenergie?

Een kerncentrale stoot heel weinig CO2 uit, maar levert lastig te verwerken hoogradioactief afval op. Als er een partij bereid is om te investeren, kan meer kernenergie op termijn onderdeel uitmaken van de energiemix. Maar we weten dat de bouw van een kerncentrale ruim tien jaar kost. Daarom ziet het huidige kabinet kernenergie vooral als optie voor de periode na 2030. Er wordt op dit moment gekeken welke partijen, onder welke voorwaarden, geïnteresseerd zijn om in Nederland een nieuwe kerncentrale te bouwen. Het grootste nadeel van kernenergie is het radioactieve afval uit een centrale, maar ook het afval van uraniumwinning en het sloopafval na sluiting van een kerncentrale radioactief zijn. Radioactieve straling vormt een groot risico voor de gezondheid en daar zijn nog geen alternatieven voor.


5. Vormt E-glas een alternatief?

Met elektrisch verwarmde ruiten wordt via infrarood (elektriciteit) een huis behaaglijk verwarmd. Zeker met het oog op de toekomst, een mooie manier om woningen duurzamer in te richten. Het verwarmde glas straalt gelijkmatig (vanaf het gehele glasoppervlakte) een behaaglijke infraroodwarmte af, die aanvoelt als zonnewarmte. Én het brengt verschillende voordelen met zich mee, zoals het tegengaan van de koudeval van ramen. E-glas wekt geen elektriciteit op. Er wordt al wel gewerkt aan de ontwikkeling van glas waarmee wel elektriciteit opgewekt kan worden en dat bijdraagt om het elektriciteitsverbruik te verlagen.  


 

6. Kan geothermie worden ingezet om aardwarmte te benutten, zodat je geen stroom nodig hebt voor verwarming?

Gemeente Hengelo heeft onderzoek laten uitvoeren wat de potentie van geothermie is in Hengelo. Uitkomsten van het onderzoek zijn dat de ondergrond van Hengelo niet heel erg geschikt is om met de huidige technieken gebruik te maken van de warmte uit de diepe aardlagen. Ook is er nog geen volledig overzicht van de ondergrond van Hengelo en van Twente. Daarom moet in overleg met het Rijk onderzoek plaatsvinden. Dit wordt regionaal opgepakt vanuit de RES Twente samen met de provincie Overijssel. Om de energie uit de ondergrond te benutten, zijn boringen nodig. Die zijn kostbaar. Met de huidige energieprijzen is dat financieel niet haalbaar. Bij een stijgende gasprijs en als er in de toekomst schaarste ontstaat, kan dat mogelijk veranderen. Daarom is geothermie een duurzame warmtebron die in de toekomst wel rendabel is om in te zetten om gebouwen te verwarmen. Hiervoor is wel een warmte-infrastructuur van een warmtenet nodig.


7. Zijn kleinere windturbines juist niet veel kansrijker doordat ze veel beter in het landschap en op daken te integreren zijn? 

Een windturbine van 250 meter levert twee keer zoveel elektriciteit op als een windturbine van 200 meter en vier keer zoveel als een windturbine van 125 meter. Als je voor kleinere windturbines kiest, zijn er veel meer nodig, waardoor er meer ruimte nodig is. Dit kan het landschap aantasten. Door de beperkte opwek zijn kleinere windturbines financieel niet haalbaar. De pilot op de Westermaat moet uitwijzen of ze realiseerbaar zijn.

1. Hoeveel hectare aan zonnepanelen zijn er nodig voor alle Hengelose huishoudens?

Alle inwoners van Hengelo verbruiken jaarlijks samen ongeveer 106 Gigawatt uur (GWh) van het totale Hengelose elektriciteitsverbruik van 390 GWh. Dat is ongeveer 30% van het totale elektriciteitsverbruik. De rest wordt gebruikt door industrie, bedrijven etc. Als dit met zonnepanelen wordt opgewekt is dat een oppervlak van ongeveer 106 hectare aan zonnevelden. Dat kan op daken, maar ook op grond in de zoekgebieden. Dit oppervlak kan kleiner of groter uitvallen, afhankelijk van hoe dicht de zonnepanelen naast elkaar worden gelegd.

Berekening:
Hengelo heeft ongeveer 38.000 huishoudens. Een gemiddeld huishouden verbruikt 2.800 kilowatt uur (kWh) aan elektriciteit. Dat is in totaal 106.000.000 kWh op jaarbasis. Omgerekend bedraagt dat 106 GWh . Eén hectare zonnevelden levert ongeveer 1 GWh op jaarbasis.


2. Wat is de energievraag van Hengelo?

Het huidige energieverbruik van de gemeente Hengelo bedraagt ongeveer 3.600 GWh, waarvan 390 GWh elektriciteit per jaar.


3. Wat is ongeveer de tijdlijn van Hengelo om van het gas af te gaan?

Er zijn afspraken gemaakt dat Nederland in 2050 van het aardgas af moet zijn. Gemeenten moeten daarvoor een Transitievisie Warmte opstellen. Hierin geven ze aan met welke wijken ze starten om een wijkuitvoeringsplan op te stellen voor 2030 en welke bronnen ze denken in te zetten als alter-natief voor aardgas.


4. Hoeveel duurzame elektriciteit wil de gemeente Hengelo opwekken over 10 jaar?

Hengelo heeft in haar doelstellingen staan dat ze 40% van het eigen energieverbruik duurzaam wil opwekken in 2030. Voor elektriciteit komt dat neer op ongeveer 156 GWh. Een deel van deze doelstelling wordt nu al ingevuld door de duurzaam opgewekte elektriciteit via Twence, de rioolwaterzuiveringsinstallatie en daken die al zonnepanelen hebben. In totaal wordt er al 56 GWh elektriciteit duurzaam opgewekt.


5. Kan Hengelo genoeg elektriciteit duurzaam opwekken of moeten we zoeken naar alternatieven? En is het dan nog wel zinvol om nu al in te vulling te geven aan de doelstellingen?

Uit het technisch onderzoek dat door onderzoeksbureau Bosch & van Rijn is uitgevoerd, blijkt dat de gemeente Hengelo de doelstellingen voor 2030 kan invullen binnen de zoekgebieden, maar niet de doelstellingen voor 2050. Er is daarom gekozen om eerst in te zetten om de doelstellingen voor 2030 in te vullen. Na 2030 zijn er misschien nieuwe technieken beschikbaar om invulling te geven aan de opgave voor 2050. Daarnaast zal er vooral in overleg met andere Twentse gemeenten invulling gegeven moeten worden aan de regionale opgave.


Technisch onderzoek


6. Is er berekend hoeveel elk gebied op de kaart met zoekgebieden oplevert?

Uit het technisch onderzoek blijkt dat we met zon op dak, zon op overkapte parkeerplaatsen en zon op gevels ongeveer 35 GWh kunnen bijdragen. Het adviesbureau Bosch & van Rijn heeft een  locatieonderzoek uitgevoerd om per zoekgebied in kaart te brengen wat het kan opleveren.   Met de inbreng uit de energiemarkten, bedrijvenbijeenkomst en alle gespreken met inwoners en belanghebbend en de uitkomsten van het locatieonderzoek is er een voorkeursvolgorde gekozen. Om versnippering in het landschap te voorkomen is er gekozen om energieopwek te concentreren in energiegebieden langs snelwegen en andere infrastructuur.


7. Kunnen we de doelstellingen voor 2030 halen met alleen zon en wind?

Voor 2030 kunnen we onze doelstellingen halen met een energie-mix van zon op dak, op parkeerplaatsen en gevels, twee windturbines en zonnevelden in de gebieden die zijn aangewezen tot energiegebieden. We zetten ook in op energie besparen, want de energie die we niet verbruiken hoeven we ook niet op te wekken.


8. Hoeveel m2 zonnepanelen en/of windturbines zijn nodig om de doelstellingen op korte en lange termijn te halen?

We wekken in Hengelo al 56 GWh elektriciteit duurzaam op. Daarnaast kunnen we 35GWh opwekken via zon op dak, zon op parkeerplaatsen en zon op gevels. Om onze doelstellingen te halen met alleen zonnevelden is ongeveer 65 hectare aan zonnevelden nodig. Worden de doelstellingen alleen ingevuld via wind dan zijn er 4 á 5 grote windturbines nodig.


9. Is de prognose van 390 GWh elektriciteit opwek in 2050 gebaseerd op het huidige of het toekomstige verbruik?

Deze prognose is gebaseerd op het elektriciteitsverbruik in Hengelo in 2018, omdat deze informatie altijd 2 jaar achter loopt. Tijdens participatieproces om het omgevingsprogramma Nieuwe Energie op te stellen blijven we rekenen met dezelfde cijfers om verwarring te voorkomen. De verwachting is dat het verbruik in de toekomst gaat stijgen als er voor het verwarmen van gebouwen en voor duurzaam vervoer ook elektriciteit wordt ingezet.


10. Is het maximale aantal windturbines per zoekgebied gerelateerd aan de winddoelstelling of aan de technische mogelijkheden?

De zoeklocaties zijn bepaald door de technische en wettelijke mogelijkheden. Het locatieonderzoek heeft de effecten van windturbines op de zoekgebieden in kaart gebracht. De inzet van het aantal van twee windturbines heeft vooral te maken met ambitie van college en de raad. Na de gesprekken met de samenleving maken college en raad opnieuw een afweging.


11. Kan alle energie via windturbines worden opwekt of moet er altijd een combinatie zijn van zon en wind?

Uit het technisch onderzoek blijkt dat gemeente Hengelo de doelstellingen voor 2030 niet kan halen met alleen windturbines. Er is altijd een combinatie nodig van windturbines, zon op dak, zon op parkeerplaatsen, zon op gevels en zonnevelden. In de hoofdlijnen van het omgevingsprogramma is een voorkeursvolgorde opgenomen waar en hoe Hengelo invulling geeft aan de doelstellingen.


12. Welke minimale afstanden wordt gehanteerd tussen bebouwing en windturbine?

In Nederland geldt geen minimaal aan te houden afstand. De afstand van windturbines tot bebouwing is niet een doel op zich is. Het doel is hinder te voorkomen zoals geluid op de gevel van gebouwen en slagschaduw. In het locatie onderzoek zijn wel het aantal woningen in kaart gebracht in een cirkel van 500 meter en 1000 meter om de zoeklocaties, naast de andere milieueffecten van een windturbine op de zoekgebieden. De gemeente Hengelo doet mee met de RES Twente voor een Plan MER voor verdiepend onderzoek. In Provinciale Staten is er een motie aangenomen voor het opstellen van een handreiking voor Wind. Daarmee zullen er ook provinciaal richtlijnen komen voor windturbines.

1. Wordt er ook ingezet op energiebezuiniging?

We willen in Hengelo maximaal inzetten op energie besparen, want de energie die we niet opwekken hoeven we ook niet op te wekken. Met alleen energie besparen komen we er niet. We moeten ook elektriciteit duurzaam opwekken.


2. Wat doet de gemeente om energiebesparende maatregelen te stimuleren?

De gemeente zet maximaal in op energie besparen bij particulieren en bedrijven, zowel voor elektriciteit als warmte. Daarvoor zetten we verschillende instrumenten in passend bij de opgave. Voor particulieren gebruiken wij hiervoor het energieloket dat we samen met 23 provinciale gemeenten hebben ontwikkeld. Daarmee ondersteunen we inwoners bij het verduurzamen van hun woningen en zetten daarvoor acties in zoals Poen voor Groen om inwoners te stimuleren energiebesparende maatregelen toe te passen. Voor bedrijven zetten we in op informeren, adviseren en stimuleren, waarbij we samen werken met besturen van bedrijventerreinen en de Omgevingsdienst Twente. De gemeente geeft zelf het goede voorbeeld door panden die in eigen bezit zijn te verduurzamen en eigen grond in te zetten om energie op te wekken. De energie die we gebruiken wordt duurzaam opgewekt via onze duurzame lokaalenergie inkoop, maar ook door zonnepanelen op de daken. Daarnaast werkt de gemeente onder meer aan het aardgasvrij maken van de Nijverheid, deze buurt is gekozen als proeftuin in het project aardgasvrije wijken van het Rijk. Daarbij is isoleren van woningen en minimaal op label B te brengen een belangrijk onderdeel.  

1. Bij grote windturbines is bij stilstand de terugval groot. Zijn daarvoor back- up mogelijkheden?

Het is in Nederland goed mogelijk om 24 uur van tevoren een inschatting te maken van de hoeveelheid elektriciteit die met windturbines gaat worden opgewekt. Het is de taak van TenneT (netbeheerder van het hoogspanningsnet) om te zorgen dat de spanning op het elektriciteitsnet binnen veilige marges blijft.


2. Kunnen we de elektriciteit die we in Hengelo gebruiken bijvoorbeeld opwekken in de Sahara?

Dat kan, maar het transporteren van elektriciteit over een langere afstand is niet rendabel, omdat dit leidt tot grote transportverliezen. Daarnaast moeten we voldoen aan de afspraken uit het Klimaatakkoord en bijdragen aan de elektriciteitsopwek in onze eigen gemeente. 


3. Zonnevelden en windturbines leg je aan voor 15/20 jaar. Dan laat je toch de locatie niet bepalen op basis van waar het netwerk het nu aan kan?

In Hengelo hebben we vanuit een visie op het buitengebied gekeken waar zonnevelden en windturbines passen in het landschap. Van daaruit zijn de zoekgebieden vastgesteld. We hebben de zoekgebieden dus niet vastgesteld op basis van netcapaciteit. In het locatieonderzoek is dit wel onderzocht. De uitkomsten daarvan worden verwerkt in het omgevingsprogramma Nieuwe Energie.


4. Is bekend hoeveel energie Enexis per station nog kan opnemen?

Enexis heeft een goed overzicht van beschikbare capaciteit van stations, leidingen en kabels. Zij stellen deze gegevens als openbare data beschikbaar om opwek en innovatie te stimuleren. Om meer duurzame energie op te wekken moet het elektriciteitsnet verzwaard worden. Om de opgave voor 2030 mogelijk te maken moet Enexis weten wat de zoeklocaties zijn in gemeenten, om zo tijdig in te kunnen spelen op de toekomstige ontwikkelingen.


5. Wat is de doorkijk van de netbeheerder voor 2030 voor de productie van duurzame energie in onze regio?

De netbeheerders in Twente hebben afgesproken dat het elektriciteitsnet toegerust is om de regionale doelstellingen vanuit de RES Twente te kunnen halen. Dat vraagt wel om een goede mix van wind- en zonne-energie om het elektriciteitsnet zo efficiënt mogelijk te benutten. Een evenwichtige mix bestaat uit 60% windenergie en 40% zonne-energie.


6. Waarom sputtert Enexis? Het college heeft toch te handelen in opdracht van Urgenda?

Netwerkbeheerders, waaronder Enexis, leveren een belangrijke bijdrage aan het behalen van de doelstellingen uit het Nationale Klimaatakkoord. Die liggen in lijn met de ambitie van Urgenda, een Nederlandse actiegroep die zich ten doel stelt om Nederland sneller duurzaam te maken. Om de energierekening in de toekomst betaalbaar te houden voor iedereen, is het wel belangrijk dat er gekozen wordt voor een goede en evenwichtige energiemix van wind en zon.

1. Kan overcapaciteit in de zomer worden opgeslagen voor bijvoorbeeld gebruik in de winter en hoe?

Op dit moment wordt de elektriciteit die duurzaam wordt opgewekt terug geleverd aan het elektriciteitsnet. In de toekomst moet er zeker gekeken worden naar de mogelijkheden van opslag, vooral omdat er nu al schaarste op het elektriciteitsnet ontstaat in Hengelo. Een goede combinatie van zonne- en windenergie kan hier ook aan bijdragen, omdat zonnevelden vooral in de zomer bijdragen en windparken vooral in de winter.


2. Gaat Hengelo vraag en aanbod van elektriciteit beter op elkaar laten aansluiten?

Het optimaal afstemmen van vraag en aanbod van elektriciteit wordt in de toekomst steeds belangrijker. Daarvoor moeten pieken in het verbruik verminderen of dalen in het aanbod. Als het weinig waait of de zon niet schijnt, moet er back-up zijn. Energieleveranciers zijn volop bezig met (soms experimentele) projecten om vraag en aanbod zo goed mogelijk in balans te brengen.
Netwerkbeheerders vragen dan ook bij het vaststellen van zoeklocaties voor zonnevelden en windturbines rekening te houden met locaties waar de vraag juist hoog is. Er is op dit moment nog geen aanleiding om de elektriciteit op te slaan. De elektriciteit kan direct afgezet worden op het elektriciteitsnet. Hier zal ook in Hengelo over nagedacht moeten worden, omdat er nu al gebieden zijn waar de elektriciteit die duurzaam wordt opgewekt niet terug geleverd kan worden aan het elektriciteitsnet.  

1. Hoe hebben inwoners tot nu toe kunnen meepraten over de zoekgebieden? 

Omgevingsvisie Hengeloos Buiten

De zoekgebieden zijn onderdeel van de omgevingsvisie Hengeloos Buiten. Inwoners uit het buitengebied konden  meedenken toen de omgevingsvisie Hengeloos Buiten opgesteld moest worden. 

Het participatieproces startte in 2019 en zag er als volgt uit:

  • We hebben de samenleving op verschillende momenten betrokken. Hiervoor hebben we verschillende middelen ingezet: spreekuren, een gebiedsconferentie, een internetconsultatie (online onderzoek) en gebiedsgesprekken.
  • Eind 2019 hielden we een internetconsultatie (online onderzoek). Daarna is de hoofdlijn van de visie ontstaan (waaronder het ontwikkelprincipe “Verbonden met ons verleden én de toekomst”) en zijn de thema’s geformuleerd waaronder Toekomstvast. Hengelo wil een bijdrage leveren aan een klimaatbestendige leefomgeving. Er zijn doelen en ruimteclaims opgenomen voor zonne- en windenergie, energiebesparing, wateropvang en gesloten (voedsel) kringloop.
  • In januari 2020 brachten we een bezoek aan Driene, Twekkelo, Beckum/Oele en Woolde/Hengelo Noord om met de inwoners in gesprek te gaan, de zogenoemde gebiedsgesprekken, om verschillende thema’ verder uit te diepen.
  • Het college van burgemeester en wethouders heeft op 12 mei 2020 ingestemd met het ontwerp van de omgevingsvisie. Deze omgevingsvisie lag van 20 mei tot en met 30 juni 2020 ter inzage. Vanaf dit moment waren de zoekgebieden openbaar.
  • Tijdens de ter inzage legging van de ontwerp omgevingsvisie is er een digitale informatiemarkt georganiseerd.

Omgevingsprogramma Nieuwe Energie

In het omgevingsprogramma Nieuwe Energie leggen we vast waar we duurzame elektriciteit opwekken met wind en zon binnen de zoekgebieden. Inwoners en belanghebbenden uit Hengelo en buurgemeenten hebben op verschillende manieren en momenten meegedacht over mogelijkheden voor elektriciteitsopwekking, de zoekgebieden en de voorwaarden.

  • Het HengeloPanel heeft een vragenlijst over duurzame elektriciteitsopwek ingevuld.
  • Via digitale energiemarkten konden inwoners en belanghebbende aangeven welke kansen en bedreigingen ze zagen.
  • Digitale bijeenkomsten met bedrijven over verduurzaming via zon op dak, parkeerplaatsen en gevels.
  • Gesprekken met bewoners en belangenbehartigers over de impact van duurzame elektriciteitsopwek op de leefomgeving en de participatie van inwoners.
  • Gesprekken met besturen van bedrijventerreinen over wat nodig is om zon op dak, parkeerplaatsen en gevels te stimuleren
  • Digitale bijeenkomsten over zon en wind, terugkoppeling over het locatieonderzoek: wat zijn de effecten van wind en zon op de omgeving?
  • Webinar voor verkenning van de mogelijkheden om de Rijkswegen te benutten voor grootschalige opwek.
  • Bezoek aan de wijken via de Karavaan van de Nieuwe energie om in gesprek te gaan met inwoners over het locatieonderzoek en de hoofdlijnen van het omgevingsprogramma Nieuwe Energie.

    Tijdens het hele participatiesproces voor de omgevingsvisie Hengeloos Buiten en het omgevingsprogramma Nieuwe Energie via zon en wind hebben we inwoners geïnformeerd via verschillende kanalen, denk hierbij aan brieven, e-mail, het Gemeentenieuws in het Hengelo’s Weekblad, hengelo.nl en sociale media. We hebben geprobeerd zowel jong als oud bij het proces te betrekken.

2. Hoe konden de nieuwe inwoners van Dalmeden meedenken?

Omdat Dalmeden een wijk in aanbouw is, hebben wij de nieuwe bewoners van deze wijk misschien gemist. Daarom hebben wij deze bewoners via een mail uitgenodigd om deel te nemen aan de energiemarkten in december. Dit is gebeurd via het mailbestand van de gemeentelijke afdeling die de kavels heeft uitgegeven.  Om tot zoeklocaties te komen hebben wij binnen de zoekgebieden onderzocht wat de effecten van windturbines en zonnevelden op de gebieden zijn en waar de technische mogelijkheden liggen voor het opwekken van zonne- en windenergie.


3. Heeft Bosch en & van Rijn wel geluisterd naar de wens vanuit de samenleving? De samenleving wil namelijk eerst ‘zon op dak’.

Onderzoeksbureau Bosch & van Rijn heeft een opdracht gekregen om te onderzoeken waar er binnen de gemeente Hengelo wind- en zonne-energie opgewekt kan worden. Daarbij hebben ze specifiek gekeken of de doelstellingen van de gemeente Hengelo voor 2030 en 2050 ingevuld kunnen worden binnen de zoekgebieden. Daarvoor is er eerst een technisch onderzoek uitgevoerd. Uit het onderzoek komt naar voren dat de gemeente Hengelo haar doelstellingen voor 2030 niet kan invullen met alleen zon op dak. Daarvoor zijn ook zonnevelden en windturbines nodig. De uitkomsten van het onderzoek vindt u op deze website.

De gemeente wil wel de daken parkeerplaatsen en gevels maximaal benutten om zonnepanelen te plaatsen. Daarom stellen we een stimuleringsregeling voor zon op dak op.


4. Kunnen we als inwoners van het zoekgebied alleen meedenken hoe de zonnevelden en windturbines ingericht worden? En is het zeker dat er wat gaat komen?

De gemeenteraad heeft op 7 oktober 2020 met het vaststellen van de omgevingsvisie Hengeloos Buiten ook de zoekgebieden vastgesteld. Het college heeft nu opdracht gegeven om een zogenoemd omgevingsprogramma op te stellen. In dit omgevingsprogramma staat hoe we duurzame energie gaan opwekken in de zoekgebieden door zon en wind te gebruiken en op welke wijze we dat doen en met wie. Daarover zijn we in gesprek met de Hengelose samenleving. We willen weten waar de mogelijkheden zijn en waar juist niet. Wanneer en waarover ze willen meepraten. Kijk op deze website onder ‘Planning’

In de hoofdlijnen van het omgevingsprogramma Nieuwe Energie is een voorkeursvolgorde opgenomen welke zoekgebieden we daadwerkelijk inzetten om duurzame energie op te wekken en de wijze waarop.


5. Wordt bij duurzame energie opwekken ook gekeken naar participatiemogelijkheden voor de Hengelose bevolking?

Ja, hiervoor zijn kaders opgesteld in de ‘Participatiewaaier’. Ook bieden we duidelijkheid hoe we de komende jaren energieprojecten kunnen realiseren en hebben daar uitgangspunten voor opgenomen.

1. Hoe voorkomen we dat elke gemeente aan haar grenzen zonnevelden en windturbines plaatst? Is er sprake van gezamelijke aanpak?

Het klopt dat alle gemeenten nu aan het bekijken zijn welk zoekgebieden geschikt zijn voor zonnevelden en windturbines. Vooral bij gemeenten met minder grondgebied zullen die langs de gemeentegrenzen liggen. In de Regionale Energie Strategie Twente (RES) werken de 14 Twentse gemeenten samen aan de regionale opgave om duurzame energie op te wekken. Daar vindt afstemming plaats over de aanpak. Via de website www.energiestrategietwente.nl kunt u de ontwikkelingen volgen van de overige Twentse gemeenten. Dit doen wij op deze website ook voor onze buurgemeenten onder het kopje Nieuws. Deelnemers van de energiemarkt zijn in december 2020 geïnformeerd over de energievisie van Borne en de zoekgebieden voor wind in de gemeenten van Noordoost Twente. Inwoners van Hengelo die niet hebben deelgenomen aan de energiemarkt zijn hierover geïnformeerd via de gebruikelijke communicatiekanalen van de gemeente. Het is wel belangrijk om te realiseren dat de gemeentegrenzen vaak ook verder van de grotere bebouwingskernen liggen.


2. In hoeverre werken de gemeente en provincie nauw samen om de doelstellingen gezamenlijk te halen?

De gemeente werkt heel nauw samen met de provincie, maar ook met Twentse gemeenten, Waterschap, Netwerkbeheerders, kennisinstellingen enz. om de doelstellingen te halen. De provincie is tevens één van de partners in de Regionale Energie Strategie Twente (RES).


3. Dwingt de regering versnippering af?

Er zijn afspraken gemaakt vanuit het Klimaatakkoord dat gemeenten via de Regionale Energie Strategie Twente (RES) afstemming met elkaar hebben over inpassing van zonnevelden en windturbines. Via subregionale samenwerking willen we versnippering voorkomen en energieprojecten zoveel mogelijk te clustering.

1. Als we tot 2030 de weilanden volleggen, hoe dan in 2040?

Er is geen sprake van ‘de weilanden volleggen’. Voor de doelstelling van 2030 hoeft slechts een fractie van het oppervlak van de zoekgebieden daadwerkelijk met zonnevelden te worden ingericht. Met de inzet van windturbines zullen er minder weilanden benut hoeven te worden voor zonnevelden.

1. Is er ook gekeken naar grootgebruikers in Hengelo?

Hengelo is een stad met veel zware industrie die veel elektriciteit verbruikt. Het verbruik van de industrie telt mee in de opgave. Daarom is in de voorkeursvolgorde gekozen om de energiegebieden voor grootschalige energiegebieden langs randen van industrie- en bedrijventerreinen te positioneren.


2. Is ook bekend welke bedrijven binnen Hengelo de meeste energie gebruiken? En hoe staan zij tegenover de plannen?

Nee, want dat is vertrouwelijke informatie. Wel is bekend dat de industrie veel energie verbruikt. Vanuit het Klimaatakkoord heeft de industrie daarom een eigen opgave meegekregen. De industrie moet dus het eigen energieverbruik verduurzamen.


3. In hoeverre is rekening gehouden met de verwachte forse toename van de energievraag in de komende decennia?

Bij de berekening zijn we uitgegaan van de huidige elektriciteitsvraag. De cijfers waar in het omgevingsprogramma Nieuwe Energie mee gewerkt wordt moeten daarom in loop van de tijd goed worden aangepast en eventueel worden bijgesteld. Door groei van de economie en meer gebruik van bijvoorbeeld warmtepompen en elektrische auto’s zal de vraag naar duurzame elektriciteit nemen.  Door energiebesparing, bijvoorbeeld door isolatie of slimmere apparaten, kan die vraag gedeeltelijk afnemen.

1. Hebben we het alleen over elektriciteit en niet over andere vormen van energievoorziening (zoals warmte)?

In het omgevingsprogramma Nieuwe Energie staat het opwekken van duurzame elektriciteit centraal. In het omgevingsprogramma staat hoe we binnen de zoekgebieden tot zoeklocaties komen, aan welke voorwaarden zonnevelden en windturbines moeten voldoen en wie deze zonnevelden en windturbines mogen ontwikkelen. Ook maken we een plan om daken beter te benutten voor zonnepanelen. Voor het aardgasvrij maken van gebouwen stelt de gemeente een Transitievisie Warmte (TVW) op die eind 2021 door de gemeenteraad moet worden vastgesteld. Hierbij betrekken wij de inwoners in de eerste helft van 2021.


2. In hoeverre gaan we restwarmte uit de industrie gebruiken?

Er is veel (industriële) restwarmte beschikbaar in Hengelo. Die wordt nu al gebruikt om woningen en gebouwen te verwarmen via de inzet van het warmtenet in Hengelo. In de Transitievisie Warmte wordt in kaart gebracht hoe gebouwen in de toekomst verwarmd kunnen worden in welke volgorde en wat het alternatieven zijn voor aardgas. Dit moet nog uitgebreid onderzocht worden.

Waterstof is een mooi alternatief. Waterstof is geen alternatief voor het opwekken van duurzame energie. Het is geen energiebron, maar een energiedrager. Waterstof is een hernieuwbaar gas dat op verschillende manier opgewekt kan worden waarvoor veel elektriciteit nodig is wat weer duurzaam moet worden opgewekt. Waterstof wordt voor 2030 niet op grote schaal ingezet voor het verwarmen van gebouwen. Waterstof kan een alternatief zijn als er geen ruimte is op het elektriciteitsnet om de duurzaam opgewekte elektriciteit naar verbruikers te brengen. Dit noemen we net-schaarste. Verder kan waterstof op den duur ook goed ingezet worden voor het duurzaam vervoer, bijvoorbeeld vrachtwagens, luchtvaart en scheepvaart of voor de industrie.


1. Waterstof is mooi, maar in totaal niet efficiënt. Waterstof opwekken kost toch ook heel veel energie?

Waterstof wordt gezien als één van de meest kansrijke energiedragers, alleen is de opwek van groene waterstof niet zo efficiënt. Het maken van waterstof door middel van elektrolyse van water heeft een verlies van 40%. Het comprimeren van waterstof tot vloeistof geeft nog eens een verlies van 25%. De toepassing van waterstof in een brandstofcel voor omzetting naar stroom heeft ook weer een verlies van 40%. Daarmee komt de effectieve inzet op 25%.


3. Kunnen we waterstof gebruiken voor tijden waarin het aanbod van elektriciteit te laag is?

Waterstof heeft op dit moment een veel hoger verlies als het groen wordt opgewekt via elektrolyse. Ook voor de opslag treedt er verlies op. Daarom is waterstof op dit moment alleen een oplossing voor opslag van elektriciteit als er net-schaarste is. Er worden wel veel onderzoek gedaan naar het efficiënt opwekken van waterstof. Daarom kan het zeker in de toekomst perspectief bieden voor opslag.

1. Komt er ook een windturbine?

Het college wil in deze coalitieperiode mogelijk maken dat er twee windturbines gerealiseerd kunnen worden in Hengelo. Hiervoor zijn nu 5 zoeklocaties aangewezen. Eén windturbine wekt evenveel elektriciteit op als een zonnepark van ca. 15-25 hectare. Daarom wil Hengelo nu nog geen zoeklocaties af laten vallen. Alle locaties hebben in mindere of meerdere mate impact op wijken van Hengelo en Borne en op de natuur. Daarom is er wel verdiepend onderzoek nodig. Daarvoor doet Hengelo mee aan een pilot met de RES Twente om alle milieueffecten in kaart te brengen. De voorwaarden voor windturbines nemen we op in het omgevingsprogramma Nieuwe Energie.


2. Hoe groot zijn de windturbines bij Deventer langs de A1? Groot of Middel Groot?

De windturbines langs de A1 bij Deventer hebben een tiphoogte van 135 meter. Moderne windturbines zijn groter en leveren veel meer elektriciteit tegen een lagere kostprijs. Een windturbine met een tiphoogte van 255 meter produceert vier keer zoveel elektriciteit als de windturbines bij Deventer.
Omdat de landelijke subsidie stuurt op de goedkoopste opwek van duurzame energie zijn ‘kleine’ windturbines niet langer rendabel. Daar houdt de gemeente in de afweging rekening mee.

1. Hoe zijn de zoekgebieden voor zon en wind gekozen? En hoe kan het zijn dat er binnen de zoekgebieden natuurgebieden liggen?

De zoekgebieden zijn gekozen vanuit de omgevingsvisie Hengeloos Buiten. De samenleving heeft daar vanaf 2019 over mee kunnen praten. Voor de toekomstige ontwikkeling van het Hengelose buitengebied staan in de omgevingsvisie Hengeloos Buiten vier ontwikkelprincipes centraal. Eén van deze principes is: ‘Verbonden met ons verleden én de toekomst’. Bij ontwikkelingen hebben we respect voor onze rijke cultuurhistorie en spelen we tegelijkertijd in op de mogelijkheden om ons buitengebied toekomstbestendig te maken.

In de visie op het thema ‘Toekomstvast’ is dit ontwikkelprincipe verder uitgewerkt en hanteren we twee typen gebieden:

  • Afweegbare gebieden (zoekgebieden): gebieden waar grootschalige opwek mogelijk is na een zorgvuldig doorlopen participatieproces met direct betrokkenen.
  • Ongewenste gebieden: gebieden waar grootschalige opwek niet wenselijk is. Alleen als het niet anders kan, kan de gemeente daar van afwijken. Bijvoorbeeld als Hengelo in de toekomst nog meer elektriciteit moet opwekken of als de doelstellingen niet kunnen worden gehaald binnen de zoekgebieden. Dan moet de gemeente wel aan strikte, nader te bepalen voorwaarden voldoen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan een participatieproces met direct betrokkenen.

De zoekgebieden zijn bepaald in gesprek met de samenleving. Er is een afweging gemaakt op basis van de ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied. Het grootste deel van het buitengebied heeft echter een hoge landschappelijke en belevingskwaliteit. Daarom vinden wij het niet wenselijk om dat te benutten voor zonnevelden of windturbines.

 Uit het participatieproces voor de omgevingsvisie blijkt dat betrokkenen de voorkeuren hebben om:

1. Zonne-energie zoveel mogelijk op daken op te wekken;
2. Zoekgebieden voor het opwekken van zonne- en windenergie zoveel mogelijk horen langs snelwegen en (aansluitend) op industrie- en bedrijventerreinen en de stadsranden langs industrie en bedrijventerreinen

Zon op dak, parkeerplaatsen en gevels bieden onvoldoende mogelijkheden om aan de doelstellingen te kunnen voldoen voor 2030 die door de gemeenteraad zijn vastgesteld met het programma Nieuwe Energie Hengelo. Daarom zijn er in de omgevingsvisie zorgvuldige afwegingen gemaakt op basis van de ruimtelijke kwaliteit in het buitengebied. Er is dus gekeken waar het wel mogelijk is om energie op te wekken. Natuurgebieden zijn dan ook zoveel mogelijk uitgesloten voor het opwekken van energie. Het is dus niet zo dat de volledige zoekgebieden worden ingezet voor zonnevelden en windturbines. Daarom is het op voorhand geen probleem dat er natuurgebieden binnen de zoekgebieden liggen.


2. Waar kan ik de zoekgebieden terugvinden?

U kunt de zoekgebieden op de website www.hengelo.nl/nieuwe-energie terugvinden. Hier kunt u ook  de hoofdlijnen van het omgevingsprogramma Nieuwe Energie en de onderzoeken van onderzoeksbureau Bosch & van Rijn vinden. 

Hoofdlijnen van het omgevingsprogramma Nieuwe Energie

U kunt het locatie onderzoek van Bosch en van Rijn op deze website terugvinden. 
Locatie onderzoek Bosch en van Rijn 


3. Waarom liggen de zoekgebieden in het buitengebied en niet op bijvoorbeeld Industrieterrein Westermaat. Daar is in tegenstelling tot industrieterrein Twentekanaal weinig tot geen particuliere bewoning.

We kijken voor het opwekken van duurzame energie niet alleen naar de zoekgebieden uit de omgevingsvisie voor het buitengebied. De gemeenteraad heeft opdracht gegeven om bedrijventerreinen en de zone langs snelwegen als zoekgebied mee te nemen voor energieopwek via zon en wind. Deze zijn ook meegenomen in de onderzoeken van Bosch & van Rijn.

1. Is er in alle berekeningen rekening gehouden met daken van particuliere huiseigenaren die al zonnepanelen hebben? En zet Hengelo hier in de toekomst ook op in? Dan hoeft daar geen energie meer voor worden opgewekt.

Er zijn al veel inwoners die nu al duurzame elektriciteit opwekken via zonnepanelen op hun dak. Zonnepanelen op daken van particuliere woningen (minder dan circa 45 zonnepanelen) tellen wel mee in de zogenoemde doelstelling van de gemeente, maar niet aan de bijdrage van Hengelo aan de regionale opgaven van de RES Twente. Landelijk is in het Klimaatakkoord al rekening gehouden met een bijdrage van 7 TWh van zonnepanelen op alle woningen in Nederland. Voor de bijdrage aan de regionale opgave tellen dus alleen grote installaties (vanaf 45 panelen) mee. Die liggen vaak op bedrijfsdaken. Alle elektriciteit die duurzaam is opgewekt met een SDE-subsidie, telt mee voor het totale aantal gigawatt uur dat we als gemeente zelf moeten opwekken. SDE-subsidie is een subsidie aan bedrijven waarmee ze gestimuleerd worden om duurzame energie op te wekken.


2. Worden er nu al eisen gesteld aan het opwekken van duurzame energie bij gronduitgifte (bijvoorbeeld op bedrijventerreinen) of bij het verlenen van een bouwvergunningen?

Vanaf 1 januari 2021 gelden er nieuwe energieprestatie-eisen voor nieuwbouw: de BENG-eisen. Dit zijn eisen voor ‘Bijna Energie Neutrale Gebouwen’ die onder meer uitgaan van de energiebehoefte in KWh per vierkante meter per jaar. Maar er worden tegelijkertijd ook eisen gesteld op het gebied van het maximale primaire fossiele energiegebruik en het minimale percentage hernieuwbare energie dat een gebouw moet opwekken.

Gemeenten krijgen vanaf 1 juli2022 als de Omgevingswet in werking treedt de mogelijkheid zonnepanelen te verplichten op bedrijven en industriële daken. Hiervoor wordt het Besluit bouwwerken en leefomgeving (BBL) aangepast. Wanneer deze maatregel wordt ingezet, kunnen gebouweigenaar de verplichting krijgen zonnepanelen te plaatsen, zodat de locatie energieneutraal wordt.


3. Bij mij kunnen er meer zonnepanelen op het dak, maar ik heb er niet meer gelegd dan mijn eigen behoefte. Wordt er gekeken hoe de restcapaciteit ook gebruikt kan worden?

Wij willen graag weten wat bedrijven en inwoners nodig hebben om hun daken optimaal te benutten. Daarom gaat de gemeente een stimuleringsplan opstellen om de daken zoveel mogelijk te benutten voor het opwekken van elektriciteit. 


4. Is er een zonnekaart beschikbaar en deelbaar van de geschikte dagoppervlakken binnen Hengelo?

Op de website van het energieloket vindt u de zonnekaart: Duurzaam Bouwloket | Hengelo (O). Ook werken we aan een nieuwe tool waarin rekenmogelijkheden zitten en die ondersteuning biedt voor de subsidie-aanvragen (SDE-subsidie). Hengelo was pilot gemeente om de tool te testen. U kunt deze vinden via  deze link


5.Van veel (bedrijfs-)hallen zijn de daken niet geschikt vanwege de ligging en constructie. Hoeveel dak is er ongeveer geschikt? 

Het totale dakoppervlak van grote panden in de gemeente Hengelo beslaat ongeveer 264 hectare. Alleen is niet al het dakoppervlak geschikt om zonnepanelen op te installeren. We nemen aan dat ongeveer 90 hectare dakoppervlak van grote panden daadwerkelijk gebruikt kan worden voor zonnepanelen. We verwachten daarmee ongeveer 1,53 GWh per hectare per jaar op te wekken. Dat is hoger dan bij zonnevelden, omdat zonnepanelen op daken over het algemeen dichter tegen elkaar aan geplaatst zijn. Ook hoeft er geen ruimte gereserveerd te worden voor landschappelijk inpassing.

De gemeente is echter geen eigenaar van de daken. We verwachten niet dat alle pandeigenaren aan initiatieven voor zonnepanelen mee kunnen of willen werken. Daarom schatten wij in dat voor 2030 20% van de daken benut gaat worden met een jaarlijkse elektriciteitsopbrengst van ongeveer 27,5 GWh. Als we daarbij alle parkeerplaatsen en gevels mee reken verwachten we dat de totale bijdrage circa 34,5 GWh bedraagt.


6. Waarom zijn de bedrijfsgebouwen van de laatste jaren (laatste 10 jaar) te licht uitgevoerd? Dit had in een eerder stadium al voorzien kunnen zijn en ondervangen kunnen worden in de vergunning.

Gebouwen zijn altijd volgens het bouwbesluit gebouwd. Sinds 2012 zijn er eisen aan de energieprestatie voor gebouwen gesteld en in de loop van de jaren zijn die steeds verder aangescherpt. Per 1 januari 2021 is BENG van kracht en er andere regelgeving. Zie vraag 2.


7. Worden ook de geluid- en zichtwallen en overkapte parkeerplaatsen met zonnepanelen meegenomen? 

Ja, dat zijn zeker goede opties om de zon te benutten. In het technisch onderzoek is de potentie van zon in de gebouwde omgeving berekend (zonne-energie opwekken via zonnepanelen op dak, zonnepanelen op parkeerplaatsen en zonnepanelen op gevels). Hieruit blijkt wel dat deze vormen samen niet voldoende zijn om de doelstelling te halen. Ook zonnevelden en windturbines zijn dus nodig

1. Als er in de oksel van de A35/A1 een strook van 500 meter beschikbaar is, heeft het dan niet de voorkeur om daar zonnepanelen te plaatsen in plaats van windturbines? Met name het beschermen van het natuurgebied wordt dan gewaarborgd.
 
Het gebied in de oksel van de A35/A1 is een zoekgebied voor zon en wind. Uit het locatieonderzoek van Bosch & van Rijn blijkt dat dit gebied ook gecombineerd kan worden om zonne- én windenergie op te wekken. We houden daarbij wel rekening met de harde belemmeringen, waaronder de afstand tot Natuurnetwerk Nederland. Over het algemeen geldt dat windturbines en zonnevelden juist goed samengaan op dezelfde locatie. Dat betreft de aansluiting op het elektriciteitsnet, maar ook minder overlast voor de rest van de gemeente. In dit gebied willen we dan ook omvormen tot energiebied voor zon en wind. Er zijn hier 2 zoeklocaties voor windturbines. Er is nog wel verdiepend onderzoek nodig om de effecten op de omliggende wijken en het natuurgebied te beoordelen.


2. Is de mix 1/3 zon en 2/3 wind nog geldend?

De ideale mix om duurzame elektriciteit op te wekken is volgens netbeheerder Enexis 60 % windenergie en 40 % zonne-energie. Op deze manier kan het bestaande energienetwerk namelijk zoveel mogelijk worden benut om extra investeringen voor uitbreiding en nieuwe energienetwerken te voorkomen. Voor de ideale mix wordt regio breed gekeken. Hengelo heeft namelijk onvoldoende potentie voor wind binnen de zoekgebieden.


3. Waarom is gekozen voor twee windturbines en niet meer? Door meer windturbines in te zetten zijn er minder zonnevelden nodig.

Het huidige college van burgemeester en wethouders heeft in het coalitieprogramma afgesproken om twee windturbines te laten plaatsen. Met meer windturbines is inderdaad minder hectare grondgebied nodig voor zonnevelden. Op basis van de uitkomsten van het participatieproces en het technisch onderzoek bepaalt het college op welke manier Hengelo duurzame energie gaat opwekken.


4. De 'ruimtevervuiling' van windturbines is veel groter voor direct omwonenden dan zonnevelden. Zijn windturbines dan wel wenselijk? 

Windturbines hebben minder grond nodig om duurzame elektriciteit op te wekken. Daar komt bij dat de opbrengst van een grote windturbine relatief veel hoger is dan de opbrengst van zonnevelden. Daarom is het belangrijk om een goede afweging te maken voor de inzet van zon en wind.


5. Moeten we bij het opwekken van duurzame elektriciteit niet een afweging maken voor korte maar ook voor de lange termijn?

Klopt, hier zijn wij het als gemeente mee eens. Daarom kiest de gemeente er nu voor om bij het opstellen van het omgevingsprogramma Nieuwe Energie alleen naar de doelstellingen voor 2030 te kijken en nog niet naar die voor 2050. Bij die afweging worden ook alle belangen van inwoners, maatschappelijke partners en bedrijven meegewogen. Die worden in de verschillende bijeenkomsten ook besproken.

1. Ik stel vast dat het nu onmogelijk wordt om onroerende zaken in zoekgebieden te verkopen of alleen met een enorm vervelend verhaal erbij. Gevolg is schade. Wie gaat dat dragen en is hier over nagedacht?

Voor het bepalen van de vraag of er voor individuele gevallen sprake is van planschade, en (zo ja) hoe groot de omvang van deze schade is, kent de Wet ruimtelijke ordening (Wro) een aparte procedure. Als men denkt in aanmerking te komen voor planschade, kan er binnen 5 jaar na het onherroepelijk worden van het omgevingsprogramma Nieuwe energie bij het college van burgemeester en wethouders van Hengelo een aanvraag voor een tegemoetkoming in schade gedaan worden.

Er wordt bij concrete projecten altijd een zogenoemde anterieure overeenkomst ondertekend waarbij de kosten voor planschade direct op initiatiefnemers verhaald wordt.


2. Kan de gemeente grondeigenaren onteigenen?

Dat is nu niet aan de orde. De grondeigenaren kunnen zelf contracten sluiten met de ontwikkelende partijen. Daarvoor hoeft de grond niet onteigend te worden. Als een grondeigenaar niet wil meewerken aan een plan voor zonne- of windenergie, moet een andere locatie gezocht worden.


3. Wie wordt de eigenaar van de panelen?

De wijze waarop zonnevelden worden ontwikkeld, bepaalt wie eigenaar wordt van de panelen. Als een energiecoöperatie een zonneveld ontwikkelt, dan zijn leden die geld hebben ingelegd eigenaar. De winst vloeit dan ook terug naar de leden. Als een projectontwikkelaar een zonneveld ontwikkelt is die ook eigenaar van de panelen. In het Klimaatakkoord is opgenomen dat het wenselijk is om zonnevelden en windturbines te ontwikkelen met 50% financiële participatie van de omgeving. Daarmee zijn de participanten voor de helft eigenaar van de panelen.


4. Waarom worden zonnevelden niet multifunctioneel gebruikt? Behoudens een paar grazende schapen?

Op deze vraag willen wij juist graag input vanuit de samenleving. In de hoofdlijnen van het omgevingsprogramma Nieuwe Energie is op genomen dat we de kansen willen benutten om de ruimte onder of bij zonnevelden en windturbines te gebruiken voor andere doelen. Dat noemen we ‘dubbelgebruik’ of ‘koppelkansen’. Voorbeelden zijn bijvoorbeeld waterberging, biodiversiteit versterken of behoud van (cultuurhistorisch) landschap, stikstof problematiek, de opgaven in landbouw enz.


5.Wat is de invloed van zo'n zonnepark op natuur en milieu?

Zonnevelden hebben impact op de natuur. Dit kan positief zijn, bijvoorbeeld dier-of plantsoorten die bescherming vinden onder de zonnepanelen. De impact kan ook negatief zijn als diersoorten juist de open ruimte zoeken zoals weidevogels. Ook kunnen zonnepanelen het bodemleven veranderen. Of een zonnepark een positief of negatief effect op natuur, milieu en bodem heeft, hangt vooral af van de manier waarop de grond werd gebruikt voordat er een zonnepark kwam.


6. Noordoost Twente heeft een voorstel om de omwonenden een schadevergoeding te geven en de gemeenschap een bijdrage voor algemeen nut. Hoe doet Hengelo dit?

In het omgevingsprogramma Nieuwe Energie is dit opgenomen. De gemeente staat open voor suggesties om dit verder uit te werken in het ontwerp omgevingsprogramma Nieuwe Energie.


7. Gaan windturbines bij Thales (met radar teststations) wel werken?

Bosch & van Rijn hebben in hun onderzoek harde belemmeringen in kaart gebracht. Thales heeft echter in een brief aan het college van burgermeester en wethouders aangegeven dat windturbines ten zuiden van het Twentekanaal hun bedrijfsvoering belemmerd. Daarom is er een verdiepend onderzoek nodig, omdat dit geen onderdeel was in het onderzoek van Bosch & van Rijn.


8. Zon op land is minder CO2 binding door de grond (dat is toch waar het om draait?)

Het Klimaatakkoord wil de opwarming van de aarde tegengaan. Teveel CO2 in de lucht draagt onder meer bij aan de opwarming van de aarde, net als methaan en andere gassen. Daarom zijn er in het Klimaatakkoord afspraken gemaakt om de CO2 uitstoot te verminderen. Bomen en groene gewassen kunnen CO2 opslaan. Dat wordt ook wel CO2 binding genoemd. Slim gebruik van onze gronden kan bijdragen aan  CO2 opgave. Maar ook het gebruik van groene energie draagt daaraan bij. Daarom willen wij onze opgave om duurzame energie op te wekken zoveel mogelijk combineren met de andere opgaven, zoals CO2 binding. Dit worden ook wel koppelkansen genoemd.

In juni 2020 heeft Twente net als de andere regio’s een concept RES Twente opgeleverd. In de concept RES Twente zijn de ambities van de 14 Twentse gemeenten om 1,5 TWh duurzame energie op te wekken gebundeld

  • 49 windturbines (511 GWh)
  • 580 ha zonnevelden (459 Gwh)
  • 304 ha zon op dak (265 GWh)
  • 12 dorpsmolens (20 GWh)

Daarnaast wil Twente zich ontwikkelen als warmteregio. Er liggen veel kansen in Twente voor de ontwikkeling van een duurzame warmtevoorziening, waardoor minder elektriciteit nodig is om woningen te verwarmen.

Bovendien vragen we de Twentenaren om energie te besparen, door bijvoorbeeld goed te isoleren. Want ook de inwoners kunnen een bijdrage leveren.

Wij communiceren via veel kanalen over 'nieuwe energie'. Volg ons op Facebook of Twitter. Op de website www.hengelo.nl/nieuwe-energie vindt u alle relevante informatie. Hier kunt u zich ook inschrijven voor de nieuwsbrief 'nieuwe energie'

Ik denk en praat graag mee over Nieuwe Energie in Hengelo

Het laatste nieuws ontvangen?

Schrijf u dan in voor onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte van alle laatste ontwikkelingen.